Redactieprofs | Uncategorized
1
archive,category,category-uncategorized,category-1,ajax_fade,page_not_loaded,,qode-title-hidden,qode-child-theme-ver-1.0.0,qode-theme-ver-11.2,qode-theme-bridge,wpb-js-composer js-comp-ver-6.2.0,vc_responsive

Regelmatig leggen we een opdrachtgever vijf vragen voor over het communicatievak en zijn of haar persoonlijke kijk daarop. Nieuwsgierig als we zijn, interviewen we ook elkáár. Deze keer: vijf vragen van Redactieprof Cindy aan collega Theanne.

Theanne is de bladenmaker in ons team. Ze bedenkt bladformules, begeleidt het hele proces en schrijft zelf ook regelmatig voor bladen. Daarnaast stort ze zich op complete boeken. ‘Ik houd wel van grote klussen waar ik zo een maand of langer mee bezig ben.’ Onlangs schreef ze een boek samen met Samuel Lee, de Theoloog des Vaderlands 2020, en op dit moment werkt ze samen met een illustrator aan een kinderboek over de zorg voor natuur en milieu: Kleur je wereld groen.

Welk communicatieboek zou jij vakgenoten aanraden?

‘Dan denk ik in eerste instantie meteen aan de ouderwetse Jan Renkema, nog steeds een autoriteit wat mij betreft, en zijn Schrijfwijzer en Redactiewijzer. Fijne naslagwerken. Het lingeriedenken van Rob van Vuure is ook een boek waar ik regelmatig in blader, en dan vooral om ideeën op te doen voor bladen. Verder haal ik veel inspiratie uit Dit is een goede gids (ondertitel: voor een duurzame lifestyle), van Marieke Eyskoot. Elke tekstschrijver heeft denk ik wel een favoriet onderwerp om over te schrijven. Bij mij is dat duurzaamheid, natuur en milieu.’ 

Met welke tekst was of ben je heel blij, en waarom?

‘Ik moest een dubbelinterview doen voor het blad van de ChristenUnie over mensenhandel. Dat vind ik altijd best een uitdaging. Twee mensen tegelijk spreken, in dit geval over een groot thema… Ik moest terugdenken aan de cursus ‘Interviewen voor gevorderden’ die ik ooit volgde. Daar leerde ik om een groot thema terug te brengen naar concrete gebeurtenissen en daar de beelden weer bij op te roepen. De emoties komen dan vanzelf en dat gebeurde ook. Het werd een diep gesprek met veel emotie erin. Bij het uitwerken van het verhaal vond ik het heel belangrijk dat de lezer dat zou vóelen, alsof je erbij was. Dat is goed gelukt, kreeg ik ook van anderen terug en daar ben ik nog steeds blij mee.’

Wat is jouw (levens)motto?

‘Maak je geen zorgen voor de dag van morgen, want de dag van morgen heeft genoeg aan zichzelf. Voor mij tegelijk een motto en een uitdaging! Ik kan nogal piekeren, ‘had ik maar’ of ‘wat als’. Dan zit je dus in het verleden of in de toekomst. Hoe mooi is het om in het hier en nu te blijven en erop te vertrouwen dat er wel voor je gezorgd wordt. Vertaald naar mijn werk; ik kan er wel eens onzeker over worden hoe lang ik dit nog kan blijven doen. Zeker nu ik de 50 gepasseerd ben en er continu nieuwe, jonge tekstschrijvers opstaan. Ook al is daar op dit moment totaal geen reden toe en weten opdrachtgevers mij voor zowel bladen als boeken goed te vinden. Zo’n motto kan dan voor wat geruststelling zorgen.’

Wat doe je om je vak bij te houden?

‘Drie dingen. Eén: ik houd de inhoud bij van de onderwerpen waar ik veel over schrijf – ik lees veel over duurzaamheid, milieu en ontwikkelingssamenwerking. Twee: Ik lees veel literatuur. Literaire schrijvers hebben een enorme woordenschat en beheersen de Nederlandse taal tot in de puntjes. Hoe zij emoties onder woorden kunnen brengen, dat is een kunst. Door goede boeken te lezen, houd ik mijn eigen taalbeheersing op peil. Op dit moment lees ik Grand Hotel Europa van Ilja Leonard Pfeijffer. Drie: ik kijk veel tijdschriften in, en dan vooral de tijdschriften die het heel goed doen zoals de Linda en de Happinez. Waarom zijn deze nou zo populair? Ik moet zeggen dat ik het ook snel zie wanneer een tijdschrift het níet gaat redden.’

‘En ik ben natuurlijk niet voor niets lid van Redactieprofs! De onderlinge kennisdeling is heel waardevol.’ 

Als ik morgen geen schrijver meer zou zijn, zou ik…

‘…wel retraites voor vrouwen willen organiseren. Wij wonen heel landelijk in Zeeland. Ik zie een groep vrouwen voor me die in deze prachtige omgeving tot rust komt en die ik schrijfopdrachten geef. Schrijf je levensverhaal, bijvoorbeeld, of zet je droom op papier, of een brief aan iemand over iets waar je al te lang mee rondloopt. We eten samen de heerlijkste producten van het land. En we wandelen naar het eeuwenoude kerkje in ons dorp voor een stiltemeditatie.’ Lachend: ‘Een mooi beeld hè, maar wat me weerhoudt is de hele organisatie en marketing eromheen! Maar je weet maar nooit. Tien jaar geleden had ik ook niet gedacht dat ik nu een kinderboek zou schrijven.’  

Ben jij verantwoordelijk voor de content in jouw bedrijf? Hik je aan tegen het schrijven en wil je goed voor de dag komen? Redactieprofs schrijven nieuwe teksten voor je, redigeren bestaande teksten óf helpen je om zelf te schrijven.

Anno 2020 is de waarde van goede tekst (en dus ook van een tekstschrijver) groter dan ooit. Of je het nu content noemt of gewoon tekst met illustraties of webpagina’s of social media-berichten of…. Zelf werk ik dit jaar precies 25 jaar als tekstschrijver voor diverse bedrijven. En niet de minste. Tel je daar de ervaring van mijn Redactieprof-collega’s bij op, dan kom je uit op honderden jaren ervaring. Wat werkt voor jou: laat je je teksten door ons schrijven of leer je ze liever zelf schrijven? Ook daar helpen we je graag bij.

“Tekstschrijven? Maar dat leert toch iedereen op de lagere school al?” Die reactie kreeg ik (dit is echt waar), toen ik begon als tekstschrijver. Ondanks die verbaasde reactie hier en daar kon ik al snel goed leven van mijn toetsenbord. Goede tekstschrijvers bleken én blijken dun gezaaid en veel bedrijven besteden het schrijven maar al te graag uit. Daar is in die 25 jaar dat ik dit mooie vak uitoefen niets aan veranderd.

Wij Redactieprofs krijgen al tientallen jaren tonnen vertrouwen in de vorm van opdrachten van onze opdrachtgevers. Ook in deze tijd van de ‘beeldcultuur’ schrijven en redigeren wij gewoon door. Foto’s, tekeningen, grafieken, ja! Woorden? Niet te veel graag. Kort is de trend. Kort, korter, kortst. Met vééél beeld. Gelukkig blijkt dat al dat beeld niet zonder goede woorden kan.

Content zijn we samen

Jaren geleden kwam, in het kielzog van de digitale ontwikkeling, het woord content in zwang. Althans, het kreeg een nieuwe betekenis. Mijn oma zei vroeger dat ze content was aan het einde van een hele fijne dag… Maar nu werd content opeens: inhoud, digitale inhoud meestal. Tekst en beeld op een webpagina, posts op social media. En opeens deed ook tekst weer mee! Misschien kwam het wel door het woord Content Management Systeem (CMS) dat toch de indruk werkt dat content echt belangrijk is. Immers: je moet het managen!

Hoe het ook zij, opeens kreeg content weer een wat ons betreft meer dan verdiende hoofdrol. Ontwerper en schrijver werken samen. De woorden hebben waarde en die waarde wordt versterkt door passend beeld. Andersom hebben mooie foto’s en illustraties waarde, die flink vermeerdert met een goed stukje tekst.

Beelddeflatie
De vloedgolf aan foto’s die onze wereld heeft overspoeld heeft geleid tot beelddeflatie. Scrollers móeten wel selecteren om niet gek te worden. En een goed stukje tekst helpt daarbij. De juiste # geeft richting, maakt het makkelijker om te zoeken en selecteren. En wat blijkt: aan een fijne tekst, to the point, vlot geschreven en verhelderend, heb je in deze tijd daarom vaak meer dan aan 1.000 foto’s!

Tekst is kortom van blijvende waarde. Of het nu gaat om de speeches van Obama, het voorwoord van de voorzitter van de Raad van Bestuur, een ontroerend interview met de magazijnmedewerker of een persbericht. De tekstschrijver luistert, stelt de juiste vragen en produceert dag in dag uit creatieve content waar anderen alleen van dromen. Zo maken wij bedrijven – en dus mensen – zichtbaar.

Door jou of door ons?

*Wil je de teksten voor jouw bedrijf door ons laten schrijven? Bel even, we helpen je graag.

*Leer je liever zelf de kneepjes van het vak van een ervaren tekstschrijver? We maken schrijf- en redactietrainingen op maat. Mail of bel even.

Leveranciers uitnodigen om als partner samen een maatschappelijke opdracht te vervullen: Dienst Justitiële Inrichtingen is er al jaren mee bezig. Met succes.

Zo zet de verfleverancier kennis en kunde in om gedetineerden een toekomst als professioneel schilder te geven. De aanbieder van tolkdiensten geeft ook taaltrainingen. Weer andere leveranciers nemen ex-gedetineerden in dienst.

Ook aan een andere maatschappelijke opdracht werken leveranciers mee: het verkleinen van de – forse – ecologische voetafdruk. Bajesdaken worden bedekt met zonnepanelen, het wagenpark wordt elektrisch en voedselverspilling wordt samen aangepakt. Aanbestedingen worden minder dichtgetimmerd en bieden inschrijvers meer manoeuvreerruimte om DJI bij de hand te nemen.

Magazine

In het magazine Impact zijn de verhalen van leveranciers gebundeld – voor het derde jaar alweer. Redactieprof Jeroen van den Nieuwenhuizen schreef de verhalen. Opdrachtgever: Wolter van der Vlist (DJI). Fotografie: Marieke Duijsters.

Redactieprofs zijn allemaal superervaren als het om thuiswerken gaat, dus we hebben nog wel wat toe te voegen aan de tips uit de ochtendkrant. Productief zijn en deadlines halen tussen keukentafel en vaatwasser? Zo doen wij dat.

Jeroen van den Nieuwenhuizen werkt met AudioNote

“Ik werk al jaren met AudioNote, een app die op mijn telefoon, Mac en iMac staat. Werkt fantastisch! Terwijl ik aantekeningen maak van een Skype-, Zoom- of Microsoft Teams-gesprek, maakt deze app kraakheldere geluidsopnamen. Elke aantekening die ik maak, vormt een link naar het bijbehorende geluidsfragment. Ik hoef dus niet te gaan zoeken. Als de geïnterviewde foto’s of grafieken heeft die het verhaal ondersteunen, voeg ik die toe aan de aantekeningen. Dan heb ik bij het uitwerken van het verhaal alles bij de hand.”

Theanne Boer werkt samen met haar zoon

“Nu mijn zoon van 11 thuis is, heb ik mijn schema omgegooid. Als hij zijn huiswerk maakt of zit te gamen, werk ik en als hij naar buiten moet (ja, dat is voor hem een straf) of een boek leest of iets anders doet, dan doe ik dat ook. We doen ook elke dag samen een klusje. Zo hebben we de dag voordat hij al zijn schoolwerk kreeg samen zijn kamer schoongemaakt. Dat hielp al meteen enorm, het werkte stressverlagend, merkte ik, want het gaf overzicht en ruimte. Mijn gouden tip is: zorg voor een schoon en opgeruimd huis en kruip tegelijk met je huisgenoten achter je scherm. In de avonduren werk ik nu wel wat meer, want overdag ben ik minder productief.” 

Helene de Bruin haalt de strijkplank uit beeld

“Thuis hebben we een kamer gebombardeerd tot ‘bibliotheek’: dochter leert hier voor eindexamen en ik bel, zoom en skype er met redacties, collega’s, interviewkandidaten en studenten. 

Tip 1: Bekijk je achtergrond kritisch. Strijkplank is toch beter uit beeld.

Tip 2: Ga in het licht zitten, dan kom je iets aantrekkelijker in beeld.

Maar Helene gaat nu juist het huis uit

“Iedereen is nu thuis. Dus als ik er even vol tegenaan wil gaan, dan ga ik naar de studio die ik deel met een vormgever en een webbouwer. We hebben de dag in drieën gedeeld. Ik werk er tussen 7 en 11 uur. In die uren dat ik er alleen zit, gaat het werk knetterhard. Wil een van ons in de avond werken, dan melden we dat in de appgroep.”

Tom van Velzen werkt aan zijn conditie

“Pas op, want het kan zomaar gebeuren dat het thuiswerken je zeeën van tijd gaat besparen. Die kan je mooi gebruiken om aan je conditie te werken; toch belangrijk met een zittend beroep. Om te beginnen mis je zowel de ochtend- als de avondspits en dat levert je al snel twee uur per dag op. Daarnaast kun je veel geconcentreerder werken zonder vergaderingen en gekwek van collega’s om je heen. Dankzij het thuiswerken sport ik doordeweeks bijna dagelijks.”

Marleen Kamminga zweert bij een goede dagstart en -afronding

“Mensen vragen me vaak of ik niet snel afgeleid ben als ik thuiswerk. Het tegendeel is waar. Ik begin vaak ’s morgens met een uurtje mail afhandelen, zodat ik weet wat me de rest van de dag te wachten staat. De uren daarna ga ik graag meteen geconcentreerd aan de slag, want dan krijg ik het meeste gedaan. Het liefst werk ik in blokken van enkele uren aan één onderwerp, maar zelfs als thuiswerker lukt me dat niet altijd. De namiddag is er voor de losse eindjes en het bijwerken van de planning. Dan kan ik de volgende dag weer doelgericht van start.”

Heb jij nog een goede tip voor succesvol thuiswerken? Deel ‘m met ons!

Hoe ziet een goede direct mailing er dan wel uit? Theanne geeft 7 tips.

Jawel, er zijn collega-tekstschrijvers die mij wat meewarig aankijken als ik hen vertel dat ik regelmatig een bedelbrief schrijf voor een goed doel. Bah, hoor ik ze denken: dat je je daarvoor leent. Dat je mee wil werken aan die geldklopperij, aan dat sentimentele gedoe. Of ze denken: waarom wil je een tekst schrijven die in een envelop gaat die niet wordt geopend?

Schiet net als Robin Hood met Direct Marketing in de roos. Redactieprofs helpen u graag bij het schrijven van een DM-brief of -mail
Schiet net als Robin Hood met Direct Marketing in de roos. Redactieprofs helpen u graag bij het schrijven van een DM-brief of -mail

Direct mailing

Zelf zie ik dat helemaal niet zo. Als ik bezig ben met een bedelbrief of – in vaktermen – een direct mailing, dan voel ik mij net Robin Hood: ik steel geld van de rijken en geef het aan de armen. Door het lezen van mijn brief moet de hand naar de portemonnee gaan. Die in vergelijking met de rest van de wereld bijna altijd goed gevuld is. Dat die hand daarvoor eerst naar een zakdoek grijpt om een traantje weg te pinken, vind ik niet verkeerd. Het is toch ook om te huilen hoeveel rottigheid er gaande is in talloze landen? De vraag wiens schuld dat is, is wel belangrijk, maar niet voor het schrijven van die brief: de lijdende mens moet geholpen worden en wel nu.

Doseren

Een direct mailing dus. Hoe doe je dat? Het toverwoord is: doseren. Traantjes mogen opgewekt worden, maar niet té. De lezer moet weten dat hij geld moet geven, maar hij moet niet het gevoel krijgen dat hij voor het blok gezet wordt. Het is, zo ervaar ik dat, steeds balanceren op het randje. Het randje van sentiment en het randje van dwang.

Laatst kwam er trouwens bij mij een envelop binnen die ik niet geopend heb. Dat komt omdat deze zin erop stond: “Dit meisje rekent erop dat u deze envelop opent”. Met daarnaast, je raadt het al, een foto van een aandoenlijk meisje in een gescheurde jurk dat met grote, hongerige ogen in de lens staarde. Kijk, dat was voor mij niet op, maar over het randje. Ik was blij dat ik het niet bedacht had.

In het hoofd en hart van de lezer

In fondsenwervingsland wordt veel onderzoek gedaan naar het effect van direct mailings. Er worden tests uitgevoerd met verschillende doelgroepen en vormen. Een goede DM is voer voor psychologen: je moet in het hoofd en liever nog het hart van de lezer gaan zitten om een effectieve mailing te schrijven. Er wordt weleens gedacht dat die ouderwetse bedelbrief een achterhaald concept is. Maar de kosten wegen nog altijd ruim op tegen de baten. Neem van mij aan: zolang jij ze door de brievenbus krijgt, leveren ze blijkbaar genoeg op. Open de volgende eens een keer, geniet van de tekst die net niet over dat randje gaat, strijk met je hand over je hart en ga daarna met diezelfde hand naar je portemonnee ;).

Hoe ziet een goede direct mailing er dan wel uit? Ik geef je hieronder 7 tips.

  • met stip op 1: hou het kort. De lezer heeft de envelop dan wel geopend, maar met tegenzin, ga daar maar vanuit. Dus moet hij niet een vet epistel voor zich zien, maar een paar alinea’s met zinnen die allemaal iets nieuws zeggen en die leiden naar de volgende zin.
  • in die weinig woorden moet je dus veel zeggen: je moet een verhaal vertellen (storytelling), je moet emotie oproepen, er moet urgentie in zitten en een call to action: een oproep tot geven. En dat alles in pakweg driehonderd woorden.
  • de eerste zin is cruciaal. Die bepaalt of de lezer doorleest of niet. Ik kies altijd voor een zin waardoor de lezer meteen middenin het verhaal zit òf voor een zin die aansluit bij de belevingswereld van de lezer. Ik kies ook weleens voor een schokkend feit, een gewetensvraag of een revolutionaire uitspraak maar dan moet je uitkijken voor dat randje.
  • je betoog moet antwoord geven op dè vraag van de lezer: waarom zou ik hier een cent aan geven? Het beste antwoord is: omdat jij, met die paar euro die je nu gaat overmaken, ervoor zorgt dat zij nu hun eigen problemen gaan oplossen. Zelf.
  • wat heel erg helpt is het woord ‘impact’. Vertellen dat de organisatie in het verleden resultaten heeft bereikt die, hoera, in dit geval wèl een garantie bieden voor de toekomst. De lezer van vandaag wil niet alleen emotie, hij wil ook feiten. Keiharde cijfers.
  • en dan de call to action, de oproep tot geven. Die vind ik altijd het moeilijkst, want voor je het weet, verval je in clichés. Het lekkerst is het als je in je briefing een zogeheten gift handle tegenkomt. Die ziet er bijvoorbeeld zo uit: als ik 10 euro geef, heeft dat kindje een week te eten. En als ik 25 euro geef, heeft een heel gezin een week te eten. Erg fijn als je van je klant zo’n lijstje krijgt.
  • onderzoek wijst uit dat een PS het goed doet. Zo’n herhaling onderaan de brief die de aandacht van de lezer in één keer vangt: “PS: Er wachten nog honderden kindslaven op hun bevrijding. Wie bevrijd jij?”

Hulp nodig bij het schrijven van een DM-brief of -mail? Redactieprofs staan altijd klaar voor een goede tekst!

Redactieprofs groeit! Twee nieuwe profs zijn ons netwerk komen versterken en daar zijn wij trots op! We stellen Theanne Boer en Tom van Velzen even kort aan u voor.

Eigenlijk zijn de nieuwe profs voor ons niet echt gloedje nieuw. Theanne is in het verleden een paar jaar lid geweest en Tom heeft bij ons ervaring opgedaan als stagiair. Met hun komst zijn Redactieprofs in Zuid-West Nederland goed vertegenwoordigd.

Geen rottigheid maar blijheid

Theanne Boer is neerlandicus en begon in 2008 haar tekstbedrijf, na een carrière als tv-redacteur. Ze wil met haar schrijfsels iets bereiken. Iets bijdragen. Waardoor de rottigheid afneemt en de blijheid toeneemt. Daarom schrijft ze het liefst voor organisaties, bedrijven en bladen met een ideëel doel. Haar lievelingsonderwerpen: duurzaamheid, levensbeschouwing en internationale samenwerking. “Ik wil teksten schrijven die bewegen, aan het denken zetten, inspireren. Gelukkig krijg ik nogal eens te horen dat mijn teksten ‘werken’. Daar doe ik het dus voor.”

Een goed verhaal doet wonderen

Theanne schrijft korte columns, lange essays, interviews en portretten, direct mailings en wervende teksten. En ze timmert graag planken, voor magazines dan. Ze stuurt gerust een team van schrijvers en vormgevers aan. Om vervolgens als eindredacteur de puntjes op de i te zetten en de klant een compleet blad te bezorgen. Theanne maakt graag gebruik van storytelling: een goed verhaal doet wonderen.

Meer lezen over en van Theanne?

Allergisch voor onnodig ingewikkeld doen

Tom van Velzen schrijft graag waar het op staat. Met alle respect voor de inhoud, maakt hij jouw boodschap hapklaar voor de lezer. Dat merk je als je met hem samenwerkt. Hij gelooft dat lezers – met name online – niet te veel moeite willen doen om iets te begrijpen. Toms allergie voor onnodig ingewikkeld taalgebruik helpt daarbij. En is complexe materie of vakjargon echt essentieel voor een verhaal? Dan zet hij zijn onderzoekspet op om te ontdekken hoe iets zit. Tom vindt altijd wel een manier om iets leesbaar te presenteren.

Tom van Velzen

Verhaal in de taal van de doelgroep

 ‘Laat Tom er nog even naar kijken’, is al jaren zijn startsein. “Mijn opdrachtgevers weten dat hun tekst na mijn laatste blik ook echt in orde is. Of het gaat om redactie of tekstproductie: ik verduidelijk de inhoud en zet een verhaal om in de taal van de doelgroep – zonder af te doen aan de boodschap.’

Toms specialismen zijn: webtekst, interviews, (SEO)-copywriting, corrigeren en redigeren.

Meer lezen over en van Tom?

Nieuwe blogserie! Regelmatig leggen we opdrachtgevers vijf vragen voor over communicatie. Nu interviewen we elkaar. Redactieprof Marleen ondervroeg prof-collega Cindy.

Waar haal je inspiratie uit?

‘Uit m’n ochtendwandelingen langs de Lek, uit yoga, fijne boeken (Murakami) en bladen (o.a. Volkskrant Magazine), uit kunst, muziek en dans, uit trouwe opdrachtgevers, leuke collega’s en andere creatievelingen, uit m’n flexplekken – zoals de Gelderlandfabriek, Kattenstraat 12 en Vollin in Culemborg, uit m’n drie mooie mannen thuis én uit een leeg scherm of papier dat ik mag vullen.’

Wat doe je om je vak bij te houden?

‘Toevallig heb ik onlangs nog een ontzettend inspirerende Masterclass bijgewoond over trends: de ‘vloeibare samenleving’ en de impact daarvan op organisaties en op de mens/het individu/de professional. Verder ben ik als een van de Redactieprofs blij met onze samenwerkdagen; meteen momenten om onderling kennis te delen. Of we nodigen een gastspreker uit, recent nog documentair fotograaf Jeroen Toirkens die ons bijpraatte over visual storytelling. Ik lees het vakblad C van beroepsvereniging Logeion. En m’n vaste opdrachtgevers houden mij scherp. En vice versa, hoop ik!’

Met welke tekst was of ben je heel blij, en waarom?

‘Ik word eigenlijk blij van elke tekst die ik mag maken. Ik kies bewust voor mijn opdrachtgevers. Maar goed, een recent voorbeeld? Dan denk ik aan een boekje voor Perspekt over een nieuw, narratief kwaliteitsmodel voor de zorg. Veel informatie zat in het hoofd van opdrachtgever Nicolien, een van de ontwikkelaars van het model en mijn directe aanspreekpunt. We hebben veel gespard, gezwoegd, gelachen, gebeld, gemaild en gefinetuned samen en zijn allebei hartstikke trots op het eindresultaat.’

Als ik morgen geen schrijver meer zou zijn, zou ik…

‘Met terugwerkende kracht weer dansjuf zijn, een uit de hand gelopen hobby. Yogadocent mag ook. Of coach, vanuit mijn vak maar ook persoonlijk.’

Deze vakgenoot bewonder ik

‘Ik bewonder dichters en auteurs – ook schrijvers, maar echt een vak apart. En mijn vader, die ook altijd geschreven heeft als wielrenjournalist (naast zijn baan als leraar in het basisonderwijs). En die na zijn pensioen helemaal op eigen kracht twee dikke boeken over wielrennen in de Kempen uitbracht en nog dagelijks blogt!’