Redactieprofs | Eindredactie
104
archive,category,category-eindredactie,category-104,ajax_fade,page_not_loaded,,qode-title-hidden,qode-child-theme-ver-1.0.0,qode-theme-ver-11.2,qode-theme-bridge,wpb-js-composer js-comp-ver-6.6.0,vc_responsive

Het redigeren van een tekst is soms een heikel karwei. Als redacteur wil je het schrijfwerk zo goed mogelijk maken. Tegelijk wil je de schrijver van een verhaal, visie of blog in zijn of haar waarde laten. Redactieprof Jos Leijen vertelt hoe hij dat aanpakt en met welke 4 niveaus je rekening kunt houden.

Een kleine 25 jaar geleden werkte ik enige tijd bij een pr-bureau in Den Haag. Om de kwaliteit van alle uitgaande teksten te waarborgen, werd ieder schrijfsel kritisch tegen het licht gehouden door een collega-redacteur. De eerste tekst die ik voor het bureau schreef, kwam helemaal rood terug van collega Frank, met wie ik de kamer deelde. Een pijnlijk moment, want ik had er echt mijn best op gedaan.

Samen liepen we de opmerkingen door. En al was ik het niet met elke suggestie eens, dankzij de scherpe blik van Frank verbeterde de tekst aanzienlijk. Het deed me aan de ene kant realiseren dat meelezen nuttig is. Aan de andere kant besefte ik dat kritiek niet altijd leuk is, zelfs al helpt het je om je prestaties te verbeteren. Dat besef neem ik altijd mee als ik de teksten van anderen redigeer. Het helpt daarbij als de schrijver weet wat hij of zij kan verwachten.

Verwachtingen managen

Als het even kan, overleg ik met de schrijver voordat ik de rode pen ter hand neem. Wat is de centrale boodschap? Wat wil de auteur met de tekst bereiken? Wie gaat de tekst lezen? En wat moet de lezer ervan meenemen? In dit stadium maak ik ook afspraken over de diepgang van de redactieslag. Gaat het alleen om de spreekwoordelijke punten en komma’s? Of mag en kan ik het grondiger aanpakken en ook de inhoud en de structuur van de tekst verbeteren?

Je kunt een tekst op 4 niveaus redigeren. Deze niveaus lopen soms in elkaar over:

  1. Inhoud
  2. Structuur
  3. Stijl
  4. Spelling en grammatica

Inhoud: korte lijnen en waar nodig research

Bij het beoordelen van de inhoud van een tekst kijk ik of alles erin staat wat erin zou moeten staan. Daarnaast beoordeel ik of wat erin staat ook allemaal relevant is. En of het klopt. Dit betekent dat er soms ook research aan te pas komt. Een korte lijn met de schrijver is hierbij wenselijk. Verder haal ik herhalingen zoveel mogelijk uit het verhaal.

Structuur: logische volgorde

Met het schrappen van herhalingen zijn we al bij de structuur van de tekst terechtgekomen. Centraal staat hier de vraag of de informatie in een logische volgorde wordt gepresenteerd. Kan de lezer de gedachtegang van de auteur volgen? Zitten er sprongen in die de lijn van het verhaal doorbreken? Hoe kun je de lezer bij de hand nemen en stap voor stap meenemen in een betoog?

Een heldere indeling in bondige alinea’s met eigen tussenkopjes doet wonderen. Eén gedachte per zin en zinnen over hetzelfde onderwerp bij elkaar. (Soms is een alinea maar 2 of 3 zinnen.) En vergeet de ‘bruggetjes’ niet; verbindende zinnen tussen de alinea’s. Het is ook fijn als een tekst een duidelijke kop en een staart heeft. Bij veel soorten teksten geldt: als je begint met een voorbeeld of een anekdote, is het mooi om daar in de laatste alinea weer naar te verwijzen. Dan is de cirkel rond.

Stijl: simpel en beeldend

Over de gewenste tone of voice overleg ik met de schrijver van een tekst. Zeker als ik de ghostwriter ben en uit naam van iemand anders een column op speech schrijf. (Lees hier meer over ghostwriting.) Uiteraard hangt de stijl ook af van de organisatie en van de doelgroep tot wie de tekst gericht is. Over het algemeen streef ik naar simpel en beeldend. Eenvoudig en toegankelijk taalgebruik, met wat sjeu waar dat past.

Direct taalgebruik wil nog wel eens discussie geven als een schrijver zich zeer bloemrijk uit. Een informatief artikel is geen literatuur. Zo was ik enige tijd eindredacteur van een museumblad waar een auteur graag met stijlbloempjes strooide. Soms neigden die naar clichés. Het was vaak een balanceeract om recht te doen aan de schrijver en het artikel toch vlot leesbaar te maken. Gelukkig kwamen we er wel steeds samen uit.

Spelling en grammatica: foutloos

We zijn aangekomen bij de laatste stap in het redactieproces. D’s en t’s, tussen-n, hoofdlettergebruik, consequent gebruik van de juiste tijd, meervoud en enkelvoud. De juiste spelling en grammatica is essentieel voor elke tekst. Hier kun je je geen slippertje veroorloven, Want al klopt de tekst inhoudelijk, leest hij als een trein en komt de boodschap goed over; een paar spelfouten en de geloofwaardigheid van de schrijver staat op het spel.

Redactieprofs redigeren

Ik ben alweer jarenlang weg bij het Haagse pr-bureau en werkzaam als zelfstandig tekstschrijver. Een meelezer mis ik soms nog wel. Vier ogen zien nu eenmaal meer dan twee. Gelukkig kan ik mijn eigen teksten soms nog even voorleggen aan een Redactieprof, zoals ik ook met deze blog heb gedaan. Collega Cindy heeft de nodige goede tips gegeven om de tekst naar een hoger niveau te tillen.

Wil jij teksten laten redigeren door een professional? Van lichte eindredactie tot grondig perfectioneren: neem contact op met Redactieprofs en we helpen je goed en snel!


Misschien denk jij ook dat het personeelsblad iets van vroeger is. Maar juist in deze digitale tijd ervaren medewerkers een mooi, papieren magazine speciaal voor hen als een cadeautje. Al jaren maak ik medewerkersbladen voor mooie bedrijven. En mijn collega-Redactieprofs kunnen er ook wat van. Dit is wat volgens ons werkt.

“Onze medewerkers zijn niet van die lezers”. Dat horen we nog wel eens. En ja, we herkennen natuurlijk helemaal de trend van het klikken en zappen. En intranet is écht een super belangrijk en onmisbaar communicatiemiddel in de meeste bedrijven.

In een papieren boek of blad wordt nog hooguit wat gebladerd. Denken veel mensen. Maar wat wij zien is dat een mooi, interessant, op maat gemaakt medewerkersblad juist erg gewaardeerd wordt in al het digitale geweld. Misschien lezen niet alle medewerkers het van cover tot achterblad. En ja, misschien gebruikt een enkeling het vooral voor onderin de kattenbak. Maar voor verreweg de meeste medewerkers is het een cadeautje.

Enkele van de mooie resultaten van medewerkersbladen die naar voren komen uit onze lezersonderzoeken:

  • Het boeit medewerkers om te lezen waar collega’s mee bezig zijn.
  • Het motiveert hen om te lezen wat de directie doet en vooral: van plan is.
  • Het vergroot het vertrouwen dat ze hebben in diezelfde directie.
  • Het bevredigt hun nieuwsgierigheid naar de vraag: hoe staan we ervoor als bedrijf?
  • Het pleziert hen om niet alleen korte berichtjes te lezen maar juist ook eens wat achtergronden bij bepaalde ontwikkelingen.
  • Er ontstaat een “wij-gevoel”.
  • Door de eerlijke, persoonlijke verhalen neemt het vertrouwen in hun bedrijf toe.
  • De trots op “hun” bedrijf groeit als ze lezen over resultaten uit de hele organisatie.
  • En zodoende groeit hun commitment.

Hoe maak je zo’n tijdschrift dat zorgt voor vertrouwen, leesplezier, motivatie, trots, commitment?

1 Maak een bladformule

Een bladformule is een kort document dat aangeeft wat het doel van het magazine is en welke plek het heeft in de communicatiemix. Er staat ook praktische informatie in als: hoe vaak verschijnt het magazine? En door wie wordt het gemaakt?

2 Maak een overzicht van je bedrijfsonderdelen

Vul dit overzicht bij het maken van elke editie in zodat je ziet of de verschillende bedrijfsonderdelen wel aan bod komen in het magazine. Mensen zien uiteraard ook graag iets over hun eigen afdeling terug.

3 Zorg dat magazine en andere middelen elkaar versterken

Dat kan bijvoorbeeld door vanuit intranet voor achtergronden te verwijzen naar het papieren magazine. En vanuit het magazine naar eerdere intranetberichten of beschikbare digitale informatiemappen over een bepaald thema.

4 Betrek je medewerkers bij het maken van het magazine

Medewerkers zijn onmisbaar bij het bedenken en maken van een medewerkersblad. Het is immers hún blad. Vóór medewerkers en dóór medewerkers werkt het beste. Dus bekijk meteen vanaf de start wie in welke mate kan bijdragen. De eerste stap is het samenstellen van een redactieadviesraad die kan helpen bij het verzamelen van onderwerpen.

5 Zie in dat eigen medewerkers (nog) niet alles kunnen

In onze meer dan honderd jaar redactieprof-ervaring merken we dat een blad maken best wel een vak apart is. Het is best te leren, zeker door slimme communicatieprofessionals die je toch al in huis hebt. Maar het is ook best slim om zeker in het begin wat professionals (zoals tekstschrijvers, redacteuren, fotografen, vormgever) aan te haken die vaker met het magazinebijltje hebben gehakt. Die eerder een redactieformule hebben gemaakt en die weten hoe je een plank maakt. Die weten wat er allemaal in een goede planning moet komen. Vanaf het allereerste redactieoverleg, via schrijven, redigeren, vormgeven, proevencorrectie en drukken tot en met de matdatum.

Als het magazine eenmaal staat, kunnen eigen medewerkers grote gedeelten overnemen. Naar gelang de vaardigheden en tijd die ze daarvoor hebben of willen leren.

Redactieprofs maken bladen

Aansprekende magazines maken voor medewerkers of relaties is ons dagelijks werk. Wij maken bladformules, interviewen, schrijven, verzorgen redactie en eindredactie en zorgen ervoor dat alle content ruim op tijd voor de deadlines in huis is.

We denken ook mee over passend beeld én hebben een groot netwerk van vormgevers, fotografen en andere creatieven met wie we samenwerken als dat nodig is. En we trainen communicatiemedewerkers in schrijven, redigeren en het samenstellen van medewerkersbladen.

Eén of meer Redactieprofs werkten mee aan deze medewerkersmagazines/personeelsbladen:

Meer impact door trouwe meelezers

Wist je dat…..niet alleen medewerkers personeelsbladen lezen? Maar ook hun gezins- en familieleden, vrienden, kennissen en (niet de bedoeling maar het gebeurt vaak wel) klanten? Zo heeft het nog meer impact.

Vraag over je medewerkersblad?

Wil je voor je bedrijf of organisatie een (tijdelijk) nieuw medewerkersmagazine opzetten? Heb je vragen over redactieformule en productie? Of heb je hulp nodig bij schrijven, redigeren of eindredactie? Neem even contact op via sasja@redactieprofs.nl of 06 448 32 893. Zij bekijkt dan welke van onze acht zeer ervaren Redactieprofs snel voor je aan de slag kunnen.

We helpen je graag!

Hup, overboord met die overbodige schrijftips die je ooit leerde en nog steeds koestert. Redactieprof Marleen helpt je zin en onzin te onderscheiden bij schrijven en redigeren.

Bang om op fouten te worden gewezen in je tekst? Nou, dan ben je in goed gezelschap. Als beroepsschrijvers overkomt het ons ook regelmatig: opdrachtgevers of geïnterviewden die ons fijntjes wijzen op ‘fouten’ in onze tekst.

Tja, daar sta je dan met je academische titel in taalbeheersing en tig jaar ervaring met schrijven en redigeren. Dan heb ik wel even wat uit te leggen. Bij deze: de zeven meest voorkomende onzintips en hun zinnige alternatieven.

1. ONZIN: Gebruik korte zinnen, want die zijn begrijpelijker dan lange zinnen.

ZIN:

(a) Voor een prettig leesritme wissel je korte en lange zinnen met elkaar af. 

(b) Lange zinnen zijn niet per se complex. Denk maar aan opsommingen: niks ingewikkelds aan. Let echter wel op de regellengte: boven de pakweg 15 woorden neemt de leesbaarheid sterk af.

(c) Korte zinnen zijn niet per se begrijpelijk. Je bevordert de begrijpelijkheid door de relatie tussen de zinnen expliciet te maken. Vergelijk bijvoorbeeld de twee korte zinnen [Ze gaf weinig geld uit aan kleding. Ze werd donateur van AZG.] met de langere zin [Ze besloot weinig geld aan kleding uit te geven, zodat ze donateur kon worden van AZG].

2. ONZIN: Schrijf altijd actief, vermijd de lijdende vorm. 

ZIN: De lijdende vorm kan juist enorm functioneel zijn.Je houdt de focus van de zin waar je ‘m hebben wilt. Herschrijven in de actieve vorm kan juist afleiden van de boodschap. Laat je overtuigen door de voorbeelden in mijn blog ‘Leve de lijdende vorm!’.

3. ONZIN: Vermijd herhaling van woorden.

ZIN: Natuurlijk, het is afwisselender om met synoniemen te werken. Het levert leukere teksten op als je niet steeds woorden herhaalt. Toch is het raadzaam om ook deze regel niet strikt toe te passen bij schrijven of redigeren. Denk aan teksten op B1-niveau: laagopgeleide lezers zijn gebaat bij eenvoud. Ook voor zoekmachinescores kan herhaling gewenst zijn, hoewel…  Dit advies heeft meer haken en ogen dan je denkt: zie bijvoorbeeld onze minicursus SEO.

4. ONZIN: Wij en zij is netjes, we en ze is plat.

ZIN: Wij en zij gebruik je voor nadruk, zoals in [Wij hanteren geen verouderde schrijfregels, maar zij denken daar anders over.] Voor alle andere situaties volstaat we of ze.

5. ONZIN: Begin een zin nooit met En (Maar, Of)…

ZIN: Maar natuurlijk mag je een zin met En, Maar of Of beginnen. Het staat de begrijpelijkheid niet in de weg en kan de stijl ten goede komen. Lees maar wat collega Jeroen erover schrijft in een van de meest gelezen blogs ooit van Redactieprofs: En? Mag je een zin met En beginnen?

6. ONZIN: Schrijf cijfers 1 t/m 20 in letters, schrijf hogere getallen in cijfers.

ZIN: Laat je keuze afhangen van de context. In een alinea waarin allerlei getallen staan, is het voor de lezer gemakkelijker om ze te vergelijken als ze allemaal in cijfers staan. In een citaat is het juist logischer om een (rond) getal in letters weer te geven.

7. ONZIN: ‘Een aantal mensen zijn…’ is fout

ZIN: Zowel enkelvoud als meervoud is correct in een zin als deze. Raadpleeg bij twijfel de pagina van Onze Taal.

Moraal van dit verhaal? Laat je niet gek maken door schrijftips. Kijk goed naar de context en gebruik je eigen verstand.

Lees meer over schrijftips van Redactieprofs:

EHBO voor je teksten

Waarom tekstschrijvers HOOFDLETTERS vermijden

Monteur/montrice gezocht