Redactieprofs | Blogs
188
archive,category,category-blogs,category-188,ajax_fade,page_not_loaded,,qode-title-hidden,qode-child-theme-ver-1.0.0,qode-theme-ver-11.2,qode-theme-bridge,wpb-js-composer js-comp-ver-6.9.0,vc_responsive

Na de vakantie gaan wij weer fris aan de slag. Iedere Redactieprof heeft boeiende projecten onder handen. Zo trapt Tom van Velzen na de vakantie af met een serie Engelstalige interviews, onder meer over infra, baggeren en offshore (groene) energie. Door de verhalen van werknemers te vertellen, wil de opdrachtgever werkzoekenden enthousiasmeren over de vele carrièremogelijkheden binnen hun organisatie. Dit is geen straf voor Tom, gezien zijn mateloze interesse in waterbouw en techniek.

Eerbetoon aan een vriendin

Redactieprof Theanne de Boer werkt aan haar boek. Een paar jaar geleden is een goede vriendin van haar overleden, die een waardevol proefschrift had geschreven. Zij was milieukundige en deed onderzoek naar duurzaamheid en kwaliteit van leven in religieuze leefgemeenschappen. Denk aan de Amish in Amerika en de Franciscanen in Europa. Het gaat om de vraag of samen leven in een groep inderdaad leidt tot een lagere milieudruk en of die manier van leven is vol te houden. Vooral in deze tijd een interessant thema. Werktitel: Samen Duurzaam Leven. Theanne heeft goede hoop dat zij het boek in het voorjaar van 2023 kan publiceren. Een mooi eerbetoon aan haar vriendin!

Milieubewuste opdrachtgever

“Drie weken offline. Precies de goede vakantielengte om echt even weg te zijn geweest én om met veel zin weer aan de slag te gaan,” aldus Helene de Bruin. Zij  wist al wat eraan zat te komen: het Duurzaamheidsjaarverslag voor Gispen. Helene: “Het is prettig om aan projecten met impact te werken.” 

Omdat deze opdracht al een paar jaar achtereen in onze Redactieprofs-schoot valt, is het ook mooi om te lezen hoe een bedrijf ook werkelijk stappen zet. “Geen praatjes voor de mooie sier, maar concrete cijfers die tonen dat het deze opdrachtgever echt om mens en milieu gaat. Dankzij deze terugkerende opdracht zien we Gispens afvalstroom verminderen en energieverbruik dalen. En elk jaar krijgen steeds meer mensen met een afstand tot de arbeidsmarkt dankzij deze opdrachtgever een nieuwe kans in het leven.”

Het duurzaamheidsverslag van Gispen verschijnt eind september/begin oktober.

Van website tot interviews

Marleen Kamminga rondt in de septembermaand de teksten af voor de nieuwe site van Algeco. In de zomermaanden heeft zij de meeste teksten al voorbereid. De website gaat in september live. Deze opdracht kwam op haar pad via een opdrachtgever waarvoor zij tien jaar geleden al eens een mooi project had gedaan. Algeco doet in semipermanente bouw/tijdelijke huisvesting, variërend van bouwplaatsinrichting tot tijdelijke supermarkten tot schoolgebouwen.

Verder staan voor Redactieprof Marleen in september een aantal mooie interviews op de planning voor JenV Magazine. Zij maakt een verhaal in de rubriek ’Samen werken wij aan…’. Marleen spreekt daarvoor met drie ketenpartners die onder het ministerie van Justitie en Veiligheid vallen over eenzelfde onderwerp. De vorige keer ging het over de nieuwe zedenwet, dit keer gaat het over forensische zorg. Wat is de rol van de betrokken ketenpartners en hoe werken ze samen?

Klantreis in kaart

Verse Redactieprof Jeannette Baljet stort zich dit najaar met verve op de Kennisbank van de Gemeente Westland. De medewerkers van het Klantencontact Centrum van deze gemeente starten komend najaar met een innoverend systeem. Voor dit zogenoemde multichannel klantencontactsysteem brengt Jeannette de klantreis in kaart. Ook helpt zij de belscripts te vertalen in B1-teksten. Zowel inwoners als medewerkers van de Gemeente Westland vinden straks beter en makkelijker de weg naar de juiste informatie. Een mooi en uitdagend project.

Circulaire samenleving in zicht

Hoe ver zijn we met de noodzakelijke overgang naar een circulaire en biobased samenleving? Daarover ging de driedaagse conferentie Circular@WUR. Voor, tijdens en na deze conferentie verzamelde Jeroen van den Nieuwenhuizen de opinies en ideeën van vele wetenschappers en politici. Inclusief een uitgebreide conferentiesamenvatting in het Nederlands en Engels.

Aandacht voor interne communicatie

Sasja is de vaste eindredacteur van twee medewerkersbladen en werkt daar in september/oktober enthousiast aan. Het gaat om twee hele verschillende bedrijven, die ook veel overeenkomsten hebben. Zo zijn ze beide landelijk bekend en maken ze producten waar we dagelijks plezier van hebben, lopen daarbij voorop in innovatie en duurzaamheid én dragen het predicaat ‘koninklijk’.

“Lekkere teksten schrijven, aantrekkelijke koppen en intro’s verzinnen, zorgen dat die medewerkers dat blad in worden gezogen….. Heerlijk werk.”

Ben je na de vakantie weer helemaal ondergedompeld in de waan van de dag? Blijft het tekstwerk daardoor liggen en is dat inmiddels ‘prio numero uno’? Pak je telefoon en bel een Redactieprof!

Nieuwsflits: het is weer warm. Redactieprof Tom werkt graag thuis, maar kijkt nu toch met lichte jaloezie naar vakgenoten in geairconditionde kantoorpanden. Alhoewel, na het gebruikelijke gehannes met ventilatoren – die hier, die daar en dan de deur precies zo – is het nog prima vertoeven in Vlaardingen. Hij vroeg zich af, hoe houden collega-profs het hoofd koel?

Helene plonst in de Maas
Als het Helene te heet onder de voeten wordt, draait ze een tropenrooster. “Dan werk ik van 7 tot 12. Dan is mijn huis nog vrij koel. Als ik die dag nog verder aan de slag moet, dan doe ik dat pas na achten. In de tussentijd ga ik naar ‘De Hoek’ of plons ik in de Maas. Als ik echt uren moet maken, vertrek ik naar het huis van mijn moeder. Zij heeft een grote kelder die altijd lekker koel is. Dan werk ik daar tussen de potten jam en ingemaakte groenten. Mijn tip voor een tijdelijke verfrisser? Voeten in een teiltje koud water en om de hals een natte lap.”

Sasja begint vroeg
Onze ‘digital nomad’ Sasja is wel wat gewend. Als ze in Spanje of Italië zit te redigeren, tikt de thermometer nog weleens de 40 graden aan. Haar geheim? “Net als Helene begin ik graag vroeg bij tropische temperaturen, rond zes uur, zodat ik kan stoppen als het echt warm wordt. Desnoods werk ik in de avond nog een uurtje of wat. Verder overdag alle gordijnen en luiken dicht en zonneschermen naar beneden om de zonnewarmte buiten te houden. Hier in Nederland helpt pootjebaden in de Rijn of even lekker lezen in de schaduw.”

Theanne brouwt verkoelende waterkefir
Als Theanne echt moet knallen zit ze binnen, waar het met de luiken dicht best uit te houden is. Maar ze werkt ook graag in de tuin, die dankzij echtgenoot-ecoloog bovenmatig veel groen en schaduw bevat. “Verder ben ik een fervent ‘waterkefir-stoker’, er staat altijd wel een fles met veel citroen en munt in de koelkast. Als de werkdag voorbij is, komt het nogal eens voor dat wij een duik in zee nemen. Dan flans ik een pastasalade in elkaar, maak voor de puber broodjes knak (want sla is geen eten), en met een half uur zijn wij op het mooiste Noordzeestrand van Nederland waar nog slechts een vleugje Delial en een vergeten strandschepje ons herinneren aan de vele toeristen die daar overdag hebben liggen bakken. Juist nu is het geen straf om eigenaar te zijn van het meest afgelegen Redactieprofs-filiaal!”

Jeannette draagt een sjaal
Een sjaal? Jazeker. Jeannette heeft zojuist haar verkoelingssjaal weer uit de kast gehaald, de hightech versie van Helene’s ‘natte lap’. “Dat is een sjaal die je onderdompelt in water, een uurtje laat drogen en die daarna voor uren verkoeling zorgt. Omgeknoopt als trendy sjaaltje koelt de wondersjaal direct de aders in je nek, waardoor je lijf ook afkoelt. Net als wanneer je je polsen onder koud water houdt. Tip: de sjaal is niet alleen lekker met deze hoge temperaturen, maar ook fijn voor dames die last hebben van opvliegers.”

Jeroen zoekt de hitte op
Vroege starter Jeroen hangt een doek voor het raam van zijn werkkamer en zoekt tussendoor juist de hitte op: “Als het buiten 35 graden is, voelt het binnen lekker koel als je weer terugkomt.” Zijn tip: “Niet steeds verzuchten dat het zo warm is.”   

Ga je zelf liever naar het strand, maar heb je tekstwerk dat niet kan wachten tot na de zomer? Bel een Redactieprof!

Redactieprofs zitten zelden verlegen om woorden. Toch kunnen ook zij een keer vastlopen. Writer’s block of schrijversblokkade: hoe kom je er vanaf? Ik vroeg mijn collega-tekstschrijvers hoe ze ermee omgaan. Met deze zes tips tik je zo weer verder.

1. Creëer structuur met een mindmap
Soms is een beetje structuur alles wat je nodig hebt om (weer) op gang te komen. Een mindmap kan helpen: zet je ideeën op papier en vind verbanden. Zo krijgt je verhaal al vorm voordat je naar een lege pagina hoeft te staren. Leef je uit, denk groot. Jos zweert voor zijn mindmaps bij A3-papier.

2. Reken af met afleiding
Telefoon uit, mailbox uit zicht en de eierwekker op 60 minuten. Een uurtje me, myself and I doet wonderen voor Helene. Zonder afleiding is ontblocken zo gepiept. En als het echt niet lukt, wijkt ze uit naar familie in Noord-Brabant of Limburg. Vooral om schrijfkilometers te maken bij grote projecten werkt dit heel fijn.

3. Slaap er een nachtje over
Gebrek aan inspiratie is vaak tijdelijk. Vandaag uren overpeinzen staat meestal gelijk aan een paar minuten werk de volgende morgen. Marleen en Jos kiezen optie twee en laten hun tekstonderwerp graag een nachtje doorsudderen in het achterhoofd, waarna alles de volgende dag zo op z’n plek valt.

4. Zoek de natuur op
Geen tijd om er een nachtje over te tukken? Een rondje lopen doet ook wonderen. De afstand tot je bureau kan helpen bij het leggen van de puzzel. Bovendien stimuleert groen het creatieve brein. Prof Jeroen pakt graag de racefiets en trapt zijn block opzij.

5. Gewoon dóórgaan
Voorbarig perfectionisme remt de productiviteit. Bij een (naderend) schrijversblok denkt Sasja na over wat haar het meest raakt in een verhaal. Dat schrijft ze op. Ze begint in het midden en schrijft eromheen. Ook Marleen en Theanne beginnen gewoon, zonder meteen te willen structureren of stileren. Een rijtje trefwoorden, de beste citaten en betekenisvolle passages brengen de schrijfdrift zo op gang. Jeroen sluit zich hier helemaal bij aan en schreef een blog over de kracht van doorgaan.

6. Uit de box, uit je block
Theanne leerde op een cursus scenarioschrijven dat je uit een writer’s block kan komen door out of the box te denken. Dat oefende ze met het boekje ‘The Writers Block’, van John Rekulak. Daarin lees je dingen als: ‘Schrijf over je favoriete kinderspeelgoed, ‘Neem een voorwerp als personage’ en ‘Bedenk welk geheim jouw personage heeft’. Er staan ook ‘spark words’ in, zoals ‘schuld’, ‘verslaafd’ of ‘overspel’ en foto’s van een heel oud autootje, spoorbomen of een spin. Om goeie ideeën te krijgen, pakt Theanne dit boekje er nog weleens bij. Werkt voor haar ook prima bij non-fictie!

Bel een Redactieprof

Liever je tekstwerk uit handen geven of advies nodig bij het schrijven? Je mag altijd contact met ons opnemen. We helpen graag!

Dit is een lang blog (500 woorden) over korte tekst. Hoe kun je veel bereiken met weinig woorden? 

Wat moeten we met al die tekst in de huidige beeldcultuur? Nou… een heleboel. Teksten publiceren is gevonden (SEO), gelezen en begrepen worden – allemaal voorwaarden om je producten en diensten voor het voetlicht te krijgen. Dat vraagt om een korte en krachtige verwoording van je boodschap.

Korte tekst is niet alleen op internet van belang. Mensen hebben nu eenmaal weinig tijd en veel afleiding. Of je nu van beeldscherm leest of van papier, je wilt graag snel weten of het relevant voor je is, waar het over gaat, waar je vindt wat je zoekt of wat je moet doen. Dat geldt voor elke website, handleiding, brochure, corporate story of advertentie.

Woord en beeld

Niet alles heeft taal nodig. Zeker niet. Woord en beeld kunnen elkaar enorm versterken. Als tekstschrijvers denken we daar graag over mee. We weten hoe je informatie omzet in een goede infographic en hoe fotografie de boodschap kan benadrukken. We zetten verhalende elementen naast grafieken met cijfers, verduidelijken verbanden en processen in stroomschema’s, maken fotobijschriften die écht iets toevoegen en zetten typografie in om visueel onderscheid te maken tussen verschillende soorten informatie. Zo komen we samen met vormgevers, fotografen en illustratoren tot krachtige producties, waarin tekst en beeld een uitgebalanceerd geheel vormen.

Weinig tekst, veel effect

In een korte tekst moet je met weinig woorden heel veel voor elkaar kunnen krijgen: 

(1) Allereerst moet je de aandacht trekken van de beoogde lezers. Zij moeten meteen zien of de tekst voor hen van belang is, of ze er iets aan hebben, ze moeten geprikkeld zijn om door te lezen. 

(2) Vervolgens moeten ze begrijpen wat er staat, overtuigd worden van het belang van de boodschap, en 

(3) geactiveerd worden om er iets mee te doen.

Taalbeheersers noemen dat tekstfuncties. Veelvoorkomende tekstfuncties zijn interesseren (voor de betreffende communicatieboodschap), informeren (over alles wat relevant is voor die boodschap) en motiveren (om contact op te nemen, een bestelling te plaatsen, een formulier in te vullen et cetera). In de reclamewereld wordt daarvoor de AIDA-formule gebruikt: Attention, Interest, Desire, Action. Een klassieker, die sinds 1925 nog net zo min aan waarde heeft ingeboet als, pakweg, de uitvinding van het toetsenbord.

Kort is niet snel

Over klassiekers gesproken – ‘Iets wat kort is uitgedrukt, is veelal de vrucht van lang nadenken’, schreef de filosoof Nietzsche ruim een eeuw voor de uitvinding van de zoekmachines. Het is een wijdverbreid misverstand dat een korte tekst minder tijd kost dan een lange tekst (een schrijver per woord betalen is dan ook onzinnig). Vaak is het tegendeel waar. Pas als ik voldoende informatie heb verzameld, kan ik tot de kern komen. En om iets kernachtig te verwoorden, moet ik keuzes maken, verbanden expliciteren, schrappen en darlings killen. Kort is niet snel. Althans, als we het over kwaliteit hebben. Dus: graag weinig tekst voor je website, brochure of nieuwsbrief? Laten we daar eens goed voor gaan zitten. 

Lees ook mijn kortste blog ooit:

https://redactieprofs.nl/waarom-tekstschrijvers-hoofdletters-vermijden/

Meer over korte tekst:

Deze 7 schrijftips mag je direct vergeten

Infographics: hoe zet je ze goed in?

Hoe schrijf ik een pakkend bericht voor internet?

5 tips voor een goede column

Als tekstschrijver sta ik nogal eens in de ‘u vraagt, wij draaien’-stand. Ik schrijf wat de klant wil, met als gevolg dat ik te weinig tijd neem of overhoud om te schrijven wat ìk wil. Een column bijvoorbeeld. Plan een ochtendje vrij en schrijf er ook eens een!

De klant is koning, maar jij bent de keizer!” Dit advies van de directeur van een communicatiebureau herinner ik mij nog graag en vaak. Af en toe die klant op de stoep laten staan en tijd besteden aan vrij werk is een luxe die je jezelf moet gunnen. Een column is zo’n vrije vorm. Erg leuk om te doen want je kunt er zo lekker je mening in kwijt. We hebben in dit land namelijk nooit genoeg meningen, vind je ook niet? Nou, dat hebben we wel, maar een goed geformuleerde, tegendraadse, tot nadenken stemmende mening is op z’n tijd een genot. Vind ik. Maar dat is mijn mening. 

Nu verkeer ik in de luxe positie dat ik een maandelijkse column heb in een krant. Erg fijn. Dat dwingt mij om elke maand een ochtend uit te trekken voor het tikken van zeshonderd woorden die helemaal uit mijzelf komen. Maar ook als je die stok achter de deur niet hebt, kan het echt leuk en ook leerzaam zijn om eens een column te schrijven. Ik geef je vijf tips waarmee je gegarandeerd een paar uur plezier hebt. 

1. Neem als onderwerp iets wat je echt raakt. Alleen dan kun je lekker vanuit jezelf schrijven. Dan komt het uit je hart en uit je tenen en komt het ook binnen bij de lezer. Dus: wat maakt je boos, verdrietig, of waar ben je helemaal weg van? Grijp het in z’n nekvel. Overigens vind ik het een misverstand dat een column een ongezouten mening moet bevatten. Ik hou zelf erg van genuanceerd, sterker nog, ik beschouw het als mijn plicht en ik verbeeld mij dat het me daarmee toch lukt om elke maand een aardige column af te leveren.

2. Bedenk welk punt je wilt maken. Dat mag maar één punt zijn. Daar werk je in je stuk naartoe. Het focussen op dat ene punt voorkomt dat je woorden verspilt aan zijpaadjes. Bij mij komt het nog weleens voor dat ik tijdens het schrijven van punt verander. Dan ontdek ik dat ik iets waarvan ik dacht dat het bijzaak was, toch zo belangrijk vind dat ik er het hoofdpunt van maak. 

3. Schrijf mooi! Maak mooie zinnen, wissel kort en lang af en gebruik beeldende taal. Geen abstracte termen of overbodige werkwoordbergen. Geen obligate zinnetjes of uitgesleten woorden. Lekker je eigen woordkeus hanteren, het is jouw feestje, jouw taal. Door je te beperken tot die vijf- zeshonderd woorden, laat je het wel uit je hoofd om overbodige woorden op te schrijven. En daar wordt het vaak alleen maar mooier van. 

4. De eerste zin en de laatste, daar gaat het om. De insmijter en de uitsmijter. Het kan gebeuren dat de eerste zin meteen het punt aangeeft dat je wil maken. Als dat een ongehoord origineel punt is, heb je meteen de aandacht. Je kunt ook met je beginzin intrigeren door aan te sluiten bij de actualiteit, of bij een heersend gevoel. Dan krijg je je lezer ook mee, zoals ik hierboven heb geprobeerd te doen. Als je laatste zin teruggrijpt op je eerste alinea ben je wat mij betreft de bom, omdat een ronde column het lekkerst is. 

5. Geef je lezer een lekkere kluif. Stuur ‘m het bos in met een opdracht in plaats van met een kluit in het riet. Laat hem aan het eind denken: ‘Verrek, die meid heeft gelijk, zo had ik het nog niet bekeken, werk aan de winkel!’ Als je zo’n uitsmijter weet te bedenken, is dat de bekroning op je werk. 

Zin in een column? Aan de slag dan. Wees voor een paar uurtjes de keizer en zeg ff dag tegen de koning! 

In deze tijden van thuiswerken verstoken we met z’n allen bakken energie en papier. Koffie is niet aan te slepen en gigant Google is nog altijd onze beste vriend. Dat kan groener! Redactieprof Theanne Boer laat haar eco-thuiskantoor zien. 

“Ja maar jouw USP is natuurlijk groen en duurzaam!”, riep een collega-tekstschrijver toen ik me hardop afvroeg hoe ik me met mijn werk nou onderscheid te midden van duizenden tekstschrijvers. Ze heeft gelijk, ik schrijf graag over natuur en milieu en de zorg daarvoor. Dat doe ik bijvoorbeeld voor stichting Het Zeeuwse Landschap en de Zeeuwse milieufederatie, maar ook voor tijdschriften en via mijn vaste column in een dagblad. 

En ja, ik heb dus ook een groene bedrijfsvoering of om het maar eens hip te zeggen: een eco office. In deze blog wandel ik door mijn werkkamer in de hoop de lezer wat inspiratie te bezorgen voor het vergroenen van zijn of haar kantoor. Waarom? Omdat we, vind ik, veel te lang op de pof van moeder Aarde hebben geleefd. Heeft het zin? Ja, het verkleinen van je ecologische voetafdruk, hoe minimaal ook, heeft altijd zin. Het is een van de weinige dingen die we daadwerkelijk kunnen doen als het gaat om het behoud van onze planeet. Dus, daar gaan we:

  • de computer is voor een tekstschrijver natuurlijk een eerste vereiste. Ik heb een refurbished laptop aangeschaft, van Apple, omdat die lang meegaan en niet virusgevoelig zijn. Elk apparaat waar coltan en goud inzit is een ramp voor het milieu, dit lijkt mij de minst schadelijke manier om er toch een te bezitten. Ik heb uiteraard ook een refurbished telefoon. Een Fairphone is trouwens ook een geweldige optie voor android-liefhebbers.
  • mijn laptop is aangesloten op een monitor die een eco-stand heeft. Daar heb ik bij de aanschaf speciaal op gelet, zo verbruikt hij minder stroom. 
  • als ik niet aan ’t werk ben, zet ik computer en laptop helemaal uit middels een stekkerdoos met zo’n oranje schakelaar. Ook het wifipunt in mijn kamer gaat dan helemaal uit. Scheelt weer stroom. Ik heb weleens begrepen dat als alle Nederlanders al hun apparaten die (’s nachts) op standby staan helemaal uit zouden doen, we twee elektriciteitscentrales kunnen sluiten. Doen dus!
  • ik heb gewacht met de aanschaf van een printer tot de Ecotank van Epson op de markt kwam. Dat is een printer die je zelf vult met kleine flesjes inkt, waardoor je niet meer blijft zitten met die dure cartridges die net niet helemaal op zijn en die verwerkt moeten worden door een speciaal bedrijf. De inkt droogt ook veel minder snel uit, en dat komt goed uit, want ik print bijna nooit. Paperless office is het devies!
  • dankzij een interview met een duurzaamheidsexpert kwam ik achter het bestaan van PaperWise, papier gemaakt van landbouwafval. Ik moet eerst mijn ‘gewone’ papier nog opmaken, maar dan ga ik daar zeker achteraan. 
  • tijdens een interview schrijf ik graag met de hand en dan ook nog het liefst op papier zonder lijntjes zodat ik kan strepen en tekenen wat ik wil. Maar de schrijfblokken vlogen erdoor bij mij. Nu heb ik een Correctbook aangeschaft, een uitwisbaar schrijfblok. Na elke afgeronde klus veeg ik mijn Correctbook schoon en kan ik opnieuw beginnen. Erg satisfying, om het in de woorden van mijn brugklaszoon uit te drukken. Er zijn meer van dit soort ‘eeuwige schrijfblokken’ op de markt: google op Bambook of Greenbook en je kunt je lol op. Kost wat, maar dan heb je ook wat. 
  • Tekstschrijvers googelen wat af. En ja, dat doe je eigenlijk automatisch met Google. Ik niet meer. Ik wil dat bedrijf niet meer spekken en zoek nu met Ecosia. Dat is een zoekmachine die met de winst bomen plant. Ecosia wordt steeds beter, ik heb Google haast niet meer nodig om te vinden wat ik zoek. Aanrader!
  • Ambtenaren krijgen het verdorie vergoed, à 365 euro per half jaar: de kosten voor een thuiskantoor, want ja ‘de koffie en het toiletpapier vliegen er in tijden van corona doorheen’. Zzp-thuiswerkers betalen van hun schamele inkomen zèlf hun koffie en toiletpapier. Ook dat kun je natuurlijk eco aanschaffen. Zo drinken wij (echtgenoot zzp’t een kamertje verderop) Moyee-koffie. Bezoek de website en geniet van de geweldige communicatie! Op de wc bij ons ligt toiletpapier van The Good Roll, ook al zo’n fantastisch initiatief voor een betere wereld. 
  • Oja, de aanschaf van vakliteratuur. Dat deed ik altijd automatisch bij de dikke blauwe man. Doe ik niet meer. Nu laat ik het komen bij de plaatselijke boekhandel of ik bestel het bij YouBeDo, een boekenwebshop zonder idiote snelle levertijden en met de mogelijkheid om een deel van de winst aan een goed doel te schenken. 

Nou! Heb je ideeën opgedaan? Ik hoop het! En het is waar wat Jaap Tielbeke zegt, in zijn boek ‘Een betere wereld begint niet bij jezelf’: overheden en bedrijven kunnen de grootste slag maken, maar ach, het is toch echt very satisfying om zelf ook mee te doen aan het groener maken van deze wereld. Groen is tenslotte de mooiste kleur! 

Ben jij verantwoordelijk voor de content in jouw bedrijf? Hik je aan tegen het schrijven en wil je goed voor de dag komen? Redactieprofs schrijven nieuwe teksten voor je, redigeren bestaande teksten óf helpen je om zelf te schrijven.

Anno 2020 is de waarde van goede tekst (en dus ook van een tekstschrijver) groter dan ooit. Of je het nu content noemt of gewoon tekst met illustraties of webpagina’s of social media-berichten of…. Zelf werk ik dit jaar precies 25 jaar als tekstschrijver voor diverse bedrijven. En niet de minste. Tel je daar de ervaring van mijn Redactieprof-collega’s bij op, dan kom je uit op honderden jaren ervaring. Wat werkt voor jou: laat je je teksten door ons schrijven of leer je ze liever zelf schrijven? Ook daar helpen we je graag bij.

“Tekstschrijven? Maar dat leert toch iedereen op de lagere school al?” Die reactie kreeg ik (dit is echt waar), toen ik begon als tekstschrijver. Ondanks die verbaasde reactie hier en daar kon ik al snel goed leven van mijn toetsenbord. Goede tekstschrijvers bleken én blijken dun gezaaid en veel bedrijven besteden het schrijven maar al te graag uit. Daar is in die 25 jaar dat ik dit mooie vak uitoefen niets aan veranderd.

Wij Redactieprofs krijgen al tientallen jaren tonnen vertrouwen in de vorm van opdrachten van onze opdrachtgevers. Ook in deze tijd van de ‘beeldcultuur’ schrijven en redigeren wij gewoon door. Foto’s, tekeningen, grafieken, ja! Woorden? Niet te veel graag. Kort is de trend. Kort, korter, kortst. Met vééél beeld. Gelukkig blijkt dat al dat beeld niet zonder goede woorden kan.

Content zijn we samen

Jaren geleden kwam, in het kielzog van de digitale ontwikkeling, het woord content in zwang. Althans, het kreeg een nieuwe betekenis. Mijn oma zei vroeger dat ze content was aan het einde van een hele fijne dag… Maar nu werd content opeens: inhoud, digitale inhoud meestal. Tekst en beeld op een webpagina, posts op social media. En opeens deed ook tekst weer mee! Misschien kwam het wel door het woord Content Management Systeem (CMS) dat toch de indruk werkt dat content echt belangrijk is. Immers: je moet het managen!

Hoe het ook zij, opeens kreeg content weer een wat ons betreft meer dan verdiende hoofdrol. Ontwerper en schrijver werken samen. De woorden hebben waarde en die waarde wordt versterkt door passend beeld. Andersom hebben mooie foto’s en illustraties waarde, die flink vermeerdert met een goed stukje tekst.

Beelddeflatie
De vloedgolf aan foto’s die onze wereld heeft overspoeld heeft geleid tot beelddeflatie. Scrollers móeten wel selecteren om niet gek te worden. En een goed stukje tekst helpt daarbij. De juiste # geeft richting, maakt het makkelijker om te zoeken en selecteren. En wat blijkt: aan een fijne tekst, to the point, vlot geschreven en verhelderend, heb je in deze tijd daarom vaak meer dan aan 1.000 foto’s!

Tekst is kortom van blijvende waarde. Of het nu gaat om de speeches van Obama, het voorwoord van de voorzitter van de Raad van Bestuur, een ontroerend interview met de magazijnmedewerker of een persbericht. De tekstschrijver luistert, stelt de juiste vragen en produceert dag in dag uit creatieve content waar anderen alleen van dromen. Zo maken wij bedrijven – en dus mensen – zichtbaar.

Door jou of door ons?

*Wil je de teksten voor jouw bedrijf door ons laten schrijven? Bel even, we helpen je graag.

*Leer je liever zelf de kneepjes van het vak van een ervaren tekstschrijver? We maken schrijf- en redactietrainingen op maat. Mail of bel even.

In deze debuutblog als Redactieprof deel ik graag een schrijfadvies waar veel opdrachtgevers blij van werden. Als tekstschrijver is het handig om snel te kunnen schrijven. Maar als de deadline het toelaat, neem ik soms liever de tijd om een opdracht in stukjes te knippen. Met mijn ‘antiblindstaarmethode’ schrijf ik een verhaal niet in één keer, maar in etappes. Desnoods verspreid over meerdere dagen. Op die manier ben ik opgeteld niet meer tijd kwijt aan het schrijven, maar lever ik wel een doeltreffendere tekst.

Bescherm de kracht van je verhaal
Wanneer je je blindstaart op een tekst, ben je zo gefocust op een bepaalde invalshoek of een specifiek onderdeel, dat je het grote plaatje uit het oog verliest. Het risico dat je tekst op die manier z’n kracht verliest, is het grootst als je te snel probeert te werken.

‘Het risico op blindstaren is groter als je te snel probeert te werken’

Probeer het ook eens! Wil je een blog schrijven voor je website en heb je verspreid over meerdere dagen tijd om eraan te werken? Volg dan de volgende 5 stappen voor een sterkere tekstproductie.

Stap 1: Neem de tijd voor een goed onderwerp

Als je een ingeplande blog zo snel mogelijk wil afvinken van je to-do-lijst, is het verleidelijk om het eerste idee dat je te binnen schiet uit te werken. Dat lijkt efficiënt, maar zo kader je al snel af wat je wil vertellen. Staar je niet blind op de eerste ingeving en denk wat langer na over je onderwerp. Neem vooral je ingevingen buiten de schrijfkamer serieus. Vaak zijn dat de beste! Mijn beste ideeën ontstaan meestal ‘na werktijd’. Tijdens het sporten bijvoorbeeld, of als ik buiten ben.

Stap 2: Bouw een informatieberg

Je hebt het onderwerp goed overwogen en zit vol inspiratie. Gooi alle informatie die je wil behandelen op een grote hoop. Bekijk je informatieberg, selecteer essentiële informatie en schrap overbodige of dubbele elementen. Bepaal gerust in welke volgorde of vorm je het verhaal wil gieten, maar baken de structuur nog niet te veel af.

‘Mijn favoriete recept tegen blindstaren: ga even wat anders doen’

De basisingrediënten voor je blog liggen klaar. Nu is het tijd voor mijn favoriete recept tegen blindstaren: ga even wat anders doen. Werk verder aan een andere taak of maak een ommetje, als je maar afstand neemt van je informatieberg.

Stap 3: Schrijf wat je schrijven kan

Je inhoud staat klaar, nu komt de schrijver in je naar boven. Door de onderbreking zie je ineens verbanden en richtingen die je tijdens het informatiescheppen nog niet zag. Jouw berg met informatie krijgt een begin en een eind. Je bepaalt de schrijfwijze en je blog krijgt vorm. Tijdens het schrijven ontdek je hier of daar nog een missende link in je verhaal.

‘Zoek een ontbrekend detail pas op als je even bent uitgeschreven. Zo staar je je niet blind op een kleinigheid’

Blindstaaralarm! Je zat net lekker in je verhaal en moet nu op zoek gaan naar een lullig detail. Mijn advies: markeer dat gedeelte en typ lekker verder. Zoek de ontbrekende zaken pas op als je even bent uitgetikt. Zo verlies je het grote plaatje niet uit het oog door je blind te staren op een kleinigheid. Een bijkomend voordeel is dat je zo niet wordt afgeleid door de verleidingen van je browser.

Maak je vooral niet druk als je tekst aan het einde van je schrijfsessie nog niet he-le-maal af is. Markeer de laatste twijfelzinnen (tekstdelen die nog niet helemaal lekker lopen of uit de toon vallen) en neem weer even afstand van je blog.

Stap 4: Lees terug en vul aan

Zo, je blog is bijna klaar! Na een pauze lees je jouw verhaal met een frisse blik terug. Zaken waar je tijdens het schrijven nog over piekerde, los je nu zo op. Je ziet het verhaal namelijk als geheel en staart je niet blind op details. En die gemarkeerde twijfelzinnen? Bij mij zijn het in 90% van de gevallen overbodige tekstdelen. Dat had ik in eerste instantie alleen nog niet door omdat ik me erop blindstaarde: Ik moet hier iets mee, maar wat? Nou, niks dus!

‘Ik moet hier iets mee, maar wat? Nou, niks dus!’

Stap 5: Laat iemand meelezen

Je eigen blog teruglezen met een volledige frisse blik is eigenlijk niet te doen. Je hebt de tekst van begin af aan opgebouwd en weet wat je idee erachter is. Durf daarom iemand te vragen om je blog een keer te lezen voordat je publiceert. Vraag daarbij of je boodschap helder overkomt en of het prettig leest. De laatste tips van een onbevangen tweede lezer kunnen je verhaal nog net dat beetje beter maken. En staat er toch nog een verscholen typfoutje in? Dan kan de tweede lezer je nog op de valreep redden van een taalblunder.

Bloggen zonder blindstaren in de praktijk
Als je bovenstaande stappen hebt gevolgd, ligt er nu waarschijnlijk een blog met een heldere boodschap voor je. Klaar om te delen! Benieuwd hoe mijn stappen voor deze blog eruitzagen? Zie hier:
Donderdag 23/1 – 13:04 uur
Ik bedenk het onderwerp voor deze blog terwijl ik een broodje aan het smeren ben. ‘Tips tegen blindstaren’ is nummer 3 op mijn ideeënlijst en tot zover de beste.
Vrijdag 24/1 – 10:33 uur
Ik zet de grote lijnen van het idee op papier. Het wordt een 7-stappenplan met een praktijkvoorbeeld.
Maandag 27/1 – 9:01 uur
Tijd om te schrijven. Een aantal lege ruimtes en twijfelpunten blijven over, maar het verhaal staat.
Dinsdag 28/1 – 15:41 uur
De lege ruimtes krijgen inhoud en de twijfels zijn uit de lucht. De 7 stappen worden 5 stappen en ik filter nog wat dubbele info uit de intro.
Woensdag 29/1 – 12:00 uur
Na een laatste blik vraag ik of een andere Redactieprof even wil meelezen.
Donderdag 30/1 – 13:15 uur
Na de laatste feedback van Redactieprof Jos is de blog klaar om te publiceren.

Meer lezen over effectief schrijven, bloggen en andere adviezen van Redactieprofs? Bekijk dan onze blogs of schakel hulp in van een ervaren tekstschrijver!

Dit blog is toekomstgericht. Het is nu november, maar we gaan direct door naar december. Sinterklaas slaan we over, met al dat zwartepietendiscussiegedoe, en hup direct doorrrrrrrrr naar Kerstmis. Met hoofdletter K. Die hoofdletters zorgen voor hoofdbrekens. Krijg je een Kerstcadeau met Kerstmis, of ga je gezellig naar een kerstborrel op tweede kerstdag?

Groene boekje, Witte Boekje

Ik zal uitleggen hoe het zit met die hoofdletters. Maar eerst moet je iets anders weten. Taalgekken zoals ik zoeken vaak woorden op om zeker te zijn van de correcte spelling. Daarvoor gebruik ik Het Groene Boekje, de officiële Woordenlijst Nederlandse Taal (met zes hoofdletters, mind you). Dat verscheen in 2005, bij de meest recente spellingsherziening. Toen waren veel mensen zo verontwaardigd over de nieuwe regels, dat ze besloten die niet of niet allemaal te volgen. Zo ontstond het Witte Boekje, de alternatieve spelling. De opvolger daarvan heet Spellingwijzer Onze Taal.

Als tekstschrijvers verplichten we ons te schrijven volgens de geldende spellingregels van het Groene Boekje. Daarin staat over hoofdletters: namen van officiële feestdagen schrijven we met een hoofdletter (regel 16.L op pagina 105). Dus: Bevrijdingsdag, Suikerfeest, Chanoeka, Pasen en Pinksteren (nooit op één dag), en dus ook: Kerstmis.

Maar de samenstellingen met die woorden schrijf je met een kleine letter: kerstcadeau, kerstwens, kerstdag. Dus Kerstmis bestaat uit kerstavond, eerste kerstdag en tweede kerstdag (het Groene Boekje is hier strenger dan het Witte Boekje, daarin zijn Eerste Kerstdag en Tweede Kerstdag ook goed). Tijdens Kerstmis vieren we het kerstfeest en zingen we kerstliedjes. Wie geluk heeft, krijgt een kerstcadeau. Van wie? Van de Kerstman! Want Kerstman is de eigennaam van een uniek persoon, net als Sinterklaas. En namen schrijf je met een hoofdletter.

Speciaal geval: de voorgedrukte kerstkaart

Straks maken we massaal gebruik van de voorgedrukte kerstkaart. Heb je daar wel eens goed naar gekeken? Alle variaties komen voorbij:

Prettige Kerstdagen en een Gelukkig Nieuwjaar (2 fouten)

prettige kerstdagen en een gelukkig nieuwjaar (1 fout)

Prettige Kerstdagen en een gelukkig nieuwjaar (2 fouten)

Prettige kerstdagen en een gelukkig Nieuwjaar (0 fout)

Dit alles volgens de regels van Het Groene Boekje. Onze Taal denkt er anders over. Hoe dan ook, je moet maar zo denken: toch goed bedoeld, zo’n kaart. Word je zelf depressief van de hoofdletters? Dan is er nog altijd gelegenheid genoeg jezelf een stuk in de kraag te drinken bij het sinterklaasfeest, de kerstborrel, tijdens oudjaarsavond. Of met Nieuwjaar bij de nieuwjaarsreceptie.

Santé en proost!  En alvast een fijne kerst en een foutloos 2020 gewenst!