Redactieprofs | Blogs
188
archive,category,category-blogs,category-188,ajax_fade,page_not_loaded,,qode-title-hidden,qode-child-theme-ver-1.0.0,qode-theme-ver-11.2,qode-theme-bridge,wpb-js-composer js-comp-ver-6.2.0,vc_responsive

Ben jij verantwoordelijk voor de content in jouw bedrijf? Hik je aan tegen het schrijven en wil je goed voor de dag komen? Redactieprofs schrijven nieuwe teksten voor je, redigeren bestaande teksten óf helpen je om zelf te schrijven.

Anno 2020 is de waarde van goede tekst (en dus ook van een tekstschrijver) groter dan ooit. Of je het nu content noemt of gewoon tekst met illustraties of webpagina’s of social media-berichten of…. Zelf werk ik dit jaar precies 25 jaar als tekstschrijver voor diverse bedrijven. En niet de minste. Tel je daar de ervaring van mijn Redactieprof-collega’s bij op, dan kom je uit op honderden jaren ervaring. Wat werkt voor jou: laat je je teksten door ons schrijven of leer je ze liever zelf schrijven? Ook daar helpen we je graag bij.

“Tekstschrijven? Maar dat leert toch iedereen op de lagere school al?” Die reactie kreeg ik (dit is echt waar), toen ik begon als tekstschrijver. Ondanks die verbaasde reactie hier en daar kon ik al snel goed leven van mijn toetsenbord. Goede tekstschrijvers bleken én blijken dun gezaaid en veel bedrijven besteden het schrijven maar al te graag uit. Daar is in die 25 jaar dat ik dit mooie vak uitoefen niets aan veranderd.

Wij Redactieprofs krijgen al tientallen jaren tonnen vertrouwen in de vorm van opdrachten van onze opdrachtgevers. Ook in deze tijd van de ‘beeldcultuur’ schrijven en redigeren wij gewoon door. Foto’s, tekeningen, grafieken, ja! Woorden? Niet te veel graag. Kort is de trend. Kort, korter, kortst. Met vééél beeld. Gelukkig blijkt dat al dat beeld niet zonder goede woorden kan.

Content zijn we samen

Jaren geleden kwam, in het kielzog van de digitale ontwikkeling, het woord content in zwang. Althans, het kreeg een nieuwe betekenis. Mijn oma zei vroeger dat ze content was aan het einde van een hele fijne dag… Maar nu werd content opeens: inhoud, digitale inhoud meestal. Tekst en beeld op een webpagina, posts op social media. En opeens deed ook tekst weer mee! Misschien kwam het wel door het woord Content Management Systeem (CMS) dat toch de indruk werkt dat content echt belangrijk is. Immers: je moet het managen!

Hoe het ook zij, opeens kreeg content weer een wat ons betreft meer dan verdiende hoofdrol. Ontwerper en schrijver werken samen. De woorden hebben waarde en die waarde wordt versterkt door passend beeld. Andersom hebben mooie foto’s en illustraties waarde, die flink vermeerdert met een goed stukje tekst.

Beelddeflatie
De vloedgolf aan foto’s die onze wereld heeft overspoeld heeft geleid tot beelddeflatie. Scrollers móeten wel selecteren om niet gek te worden. En een goed stukje tekst helpt daarbij. De juiste # geeft richting, maakt het makkelijker om te zoeken en selecteren. En wat blijkt: aan een fijne tekst, to the point, vlot geschreven en verhelderend, heb je in deze tijd daarom vaak meer dan aan 1.000 foto’s!

Tekst is kortom van blijvende waarde. Of het nu gaat om de speeches van Obama, het voorwoord van de voorzitter van de Raad van Bestuur, een ontroerend interview met de magazijnmedewerker of een persbericht. De tekstschrijver luistert, stelt de juiste vragen en produceert dag in dag uit creatieve content waar anderen alleen van dromen. Zo maken wij bedrijven – en dus mensen – zichtbaar.

Door jou of door ons?

*Wil je de teksten voor jouw bedrijf door ons laten schrijven? Bel even, we helpen je graag.

*Leer je liever zelf de kneepjes van het vak van een ervaren tekstschrijver? We maken schrijf- en redactietrainingen op maat. Mail of bel even.

Een beetje website heeft tegenwoordig een pagina met nieuws. Nieuws over de eigen organisatie, over activiteiten, over nieuwe producten of over ontwikkelingen in de branche. Dat houdt de site dynamisch en zorgt dat bezoekers terugkomen. Maar hoe schrijf je een bericht dat ook werkelijk de informatie overbrengt die je wilt delen? Vijf tips.

1. Vertel het belangrijkste eerst

Beginnen met waar het om gaat. Dit lijkt een open deur. Maar vaak moet je je in berichten eerst door een hoop ballast heen worstelen om bij de kern te komen. En meestal doen bezoekers aan je website dat niet. Gemiste kans. Een bericht op internet is wat dat betreft vergelijkbaar met het nieuwsbericht in de krant. Dat begint met de vijf w’s:

  • Wie
  • Wat
  • Waar
  • Wanneer
  • Waarom
  • (Hoe)

Begin met de essentie van je boodschap. Al lezen bezoekers aan je website alleen de eerste alinea, dan heb je toch de kern overgebracht. Clare Lynch is schrijfdocent aan de universiteit van Cambridge. Haar cursussen via Udemy zijn aanraders. Zij adviseert om in tweets te denken (toen die nog 142 tekens waren). Wat zou je in een tweet zetten als je er maar één kon versturen? En wat in de volgende?

Als je de 5 w’s in de eerste regels zet en daarna van belangrijk naar minder belangrijk werkt, maak je je bericht in krantentermen ‘oprolbaar’. Volgens sommige bronnen stamt deze methode uit de Amerikaanse burgeroorlog. Correspondenten moesten de kern het eerst verzenden via de telegraaf. Als vijandelijke troepen dan de masten neerhaalden en de verbinding onklaar maakten, had de redactie het belangrijkste nieuws tenminste binnen. Wat meer dan 150 jaar geleden werkte voor de krant, werkt nu goed in de digitale communicatie.

2. Verdiep je in de lezer

Het gaat er niet om wat jij of wat jouw bedrijf belangrijk vindt, maar om dat wat de klant raakt. Een veelgebruikt voorbeeld is dat van de boor: je verkoopt geen boor, maar een gat in de muur. Of liever nog, het portret van de kinderen dat aan de muur hangt als je klaar bent. Zo werkt reclame ook. Je verkoopt niet een mierzoet, plakkerig, bruin drankje, maar een gelukkig kerstfeest. Een goede manier om tot de essentie te komen, is om te vragen: nou en? En dan nog eens: nou en? Tot je het echte voordeel voor de lezer te pakken hebt.

Stel dat je een touringcarbedrijf hebt, en je hebt een nieuwe touringcar gekocht. Dan kun je daar een nieuwsbericht over schrijven waarmee je mikt op toekomstige passagiers. Voor hen is het van belang dat de bus comfortabel is en je veilig en snel naar de vakantiebestemming brengt. Wil je met het bericht nieuwe chauffeurs aantrekken in een krappe markt, dat zul je meer inzoomen op het rijplezier en op de aparte, stille slaapcabine voor verre reizen.

3. Breng structuur aan in je tekst

Bezoekers van websites lezen een tekst nooit van voor naar achter, van boven naar onder. Onderzoek met eyetrackers laat zien dat ze een webpagina scannen, meestal in de vorm van een F. Houd daar dus rekening mee. Zet je kernboodschap in de eerste alinea (zie punt 1). Maak de alinea’s niet te lang, 4 à 5 regels is mooi. Zet het belangrijkste in de eerste zin van de alinea.

Gebruik tussenkopjes die de structuur aangeven. Vat in die kop de kern samen. Dat vindt je lezer fijn, en zoekmachines ook. Vergeet de creatieve en prikkelende tussenkop. Laat die maar over aan de redacteur van de gedrukte krant. Als de lezer moet gissen wat eronder staat, haakt hij af. Wees daarom zo concreet mogelijk.

4. Schrijf helder, eenvoudig en aantrekkelijk

Het leven zit vol verleidingen. De persoon die de moeite neemt om jouw tekst te lezen, heeft voor jou gekozen boven veel andere activiteiten. Maak het je lezer daarom gemakkelijk. Met structuur (zie punt 3), maar ook door leesbaar te schrijven.

  • Gebruik korte alinea’s en houd de zinnen kort. Varieer met de lengte. Dan krijgt je tekst een ritme. Dat maakt het lezen prettig.
  • Vermijd ingewikkelde zinsconstructies en kies zoveel mogelijk voor eenvoudige woorden.
  • Beperk je tot één gedachte per zin.
  • Zorg dat elke alinea op zichzelf begrijpelijk is. Wees spaarzaam met verwijzingen als ‘zoals we hierboven hebben beschreven’.
  • Laat je tekst eventueel even liggen ‘rijpen’ en pak hem later weer op. Zie ook de blog van Redactieprof Tom over het schrijven van blogs.

5. Sluit af met een call to action

Meestal heb je met een bericht meer voor ogen dan informatie delen. Je wilt dat de lezer meer informatie vraagt, contact zoekt, iets gaat doen. Sluit daarom je bericht als het even kan af met een oproep om in beweging te komen, een call to action.

Bijvoorbeeld: Redactieprofs geven coaching en training in zakelijk schrijven. Individueel of in een groep, online en op locatie. We vertellen u graag meer over de mogelijkheden. Neem voor meer informatie contact op.

In deze debuutblog als Redactieprof deel ik graag een schrijfadvies waar veel opdrachtgevers blij van werden. Als tekstschrijver is het handig om snel te kunnen schrijven. Maar als de deadline het toelaat, neem ik soms liever de tijd om een opdracht in stukjes te knippen. Met mijn ‘antiblindstaarmethode’ schrijf ik een verhaal niet in één keer, maar in etappes. Desnoods verspreid over meerdere dagen. Op die manier ben ik opgeteld niet meer tijd kwijt aan het schrijven, maar lever ik wel een doeltreffendere tekst.

Bescherm de kracht van je verhaal
Wanneer je je blindstaart op een tekst, ben je zo gefocust op een bepaalde invalshoek of een specifiek onderdeel, dat je het grote plaatje uit het oog verliest. Het risico dat je tekst op die manier z’n kracht verliest, is het grootst als je te snel probeert te werken.

‘Het risico op blindstaren is groter als je te snel probeert te werken’

Probeer het ook eens! Wil je een blog schrijven voor je website en heb je verspreid over meerdere dagen tijd om eraan te werken? Volg dan de volgende 5 stappen voor een sterkere tekstproductie.

Stap 1: Neem de tijd voor een goed onderwerp

Als je een ingeplande blog zo snel mogelijk wil afvinken van je to-do-lijst, is het verleidelijk om het eerste idee dat je te binnen schiet uit te werken. Dat lijkt efficiënt, maar zo kader je al snel af wat je wil vertellen. Staar je niet blind op de eerste ingeving en denk wat langer na over je onderwerp. Neem vooral je ingevingen buiten de schrijfkamer serieus. Vaak zijn dat de beste! Mijn beste ideeën ontstaan meestal ‘na werktijd’. Tijdens het sporten bijvoorbeeld, of als ik buiten ben.

Stap 2: Bouw een informatieberg

Je hebt het onderwerp goed overwogen en zit vol inspiratie. Gooi alle informatie die je wil behandelen op een grote hoop. Bekijk je informatieberg, selecteer essentiële informatie en schrap overbodige of dubbele elementen. Bepaal gerust in welke volgorde of vorm je het verhaal wil gieten, maar baken de structuur nog niet te veel af.

‘Mijn favoriete recept tegen blindstaren: ga even wat anders doen’

De basisingrediënten voor je blog liggen klaar. Nu is het tijd voor mijn favoriete recept tegen blindstaren: ga even wat anders doen. Werk verder aan een andere taak of maak een ommetje, als je maar afstand neemt van je informatieberg.

Stap 3: Schrijf wat je schrijven kan

Je inhoud staat klaar, nu komt de schrijver in je naar boven. Door de onderbreking zie je ineens verbanden en richtingen die je tijdens het informatiescheppen nog niet zag. Jouw berg met informatie krijgt een begin en een eind. Je bepaalt de schrijfwijze en je blog krijgt vorm. Tijdens het schrijven ontdek je hier of daar nog een missende link in je verhaal.

‘Zoek een ontbrekend detail pas op als je even bent uitgeschreven. Zo staar je je niet blind op een kleinigheid’

Blindstaaralarm! Je zat net lekker in je verhaal en moet nu op zoek gaan naar een lullig detail. Mijn advies: markeer dat gedeelte en typ lekker verder. Zoek de ontbrekende zaken pas op als je even bent uitgetikt. Zo verlies je het grote plaatje niet uit het oog door je blind te staren op een kleinigheid. Een bijkomend voordeel is dat je zo niet wordt afgeleid door de verleidingen van je browser.

Maak je vooral niet druk als je tekst aan het einde van je schrijfsessie nog niet he-le-maal af is. Markeer de laatste twijfelzinnen (tekstdelen die nog niet helemaal lekker lopen of uit de toon vallen) en neem weer even afstand van je blog.

Stap 4: Lees terug en vul aan

Zo, je blog is bijna klaar! Na een pauze lees je jouw verhaal met een frisse blik terug. Zaken waar je tijdens het schrijven nog over piekerde, los je nu zo op. Je ziet het verhaal namelijk als geheel en staart je niet blind op details. En die gemarkeerde twijfelzinnen? Bij mij zijn het in 90% van de gevallen overbodige tekstdelen. Dat had ik in eerste instantie alleen nog niet door omdat ik me erop blindstaarde: Ik moet hier iets mee, maar wat? Nou, niks dus!

‘Ik moet hier iets mee, maar wat? Nou, niks dus!’

Stap 5: Laat iemand meelezen

Je eigen blog teruglezen met een volledige frisse blik is eigenlijk niet te doen. Je hebt de tekst van begin af aan opgebouwd en weet wat je idee erachter is. Durf daarom iemand te vragen om je blog een keer te lezen voordat je publiceert. Vraag daarbij of je boodschap helder overkomt en of het prettig leest. De laatste tips van een onbevangen tweede lezer kunnen je verhaal nog net dat beetje beter maken. En staat er toch nog een verscholen typfoutje in? Dan kan de tweede lezer je nog op de valreep redden van een taalblunder.

Bloggen zonder blindstaren in de praktijk
Als je bovenstaande stappen hebt gevolgd, ligt er nu waarschijnlijk een blog met een heldere boodschap voor je. Klaar om te delen! Benieuwd hoe mijn stappen voor deze blog eruitzagen? Zie hier:
Donderdag 23/1 – 13:04 uur
Ik bedenk het onderwerp voor deze blog terwijl ik een broodje aan het smeren ben. ‘Tips tegen blindstaren’ is nummer 3 op mijn ideeënlijst en tot zover de beste.
Vrijdag 24/1 – 10:33 uur
Ik zet de grote lijnen van het idee op papier. Het wordt een 7-stappenplan met een praktijkvoorbeeld.
Maandag 27/1 – 9:01 uur
Tijd om te schrijven. Een aantal lege ruimtes en twijfelpunten blijven over, maar het verhaal staat.
Dinsdag 28/1 – 15:41 uur
De lege ruimtes krijgen inhoud en de twijfels zijn uit de lucht. De 7 stappen worden 5 stappen en ik filter nog wat dubbele info uit de intro.
Woensdag 29/1 – 12:00 uur
Na een laatste blik vraag ik of een andere Redactieprof even wil meelezen.
Donderdag 30/1 – 13:15 uur
Na de laatste feedback van Redactieprof Jos is de blog klaar om te publiceren.

Meer lezen over effectief schrijven, bloggen en andere adviezen van Redactieprofs? Bekijk dan onze blogs of schakel hulp in van een ervaren tekstschrijver!

Dit blog is toekomstgericht. Het is nu november, maar we gaan direct door naar december. Sinterklaas slaan we over, met al dat zwartepietendiscussiegedoe, en hup direct doorrrrrrrrr naar Kerstmis. Met hoofdletter K. Die hoofdletters zorgen voor hoofdbrekens. Krijg je een Kerstcadeau met Kerstmis, of ga je gezellig naar een kerstborrel op tweede kerstdag?

Groene boekje, Witte Boekje

Ik zal uitleggen hoe het zit met die hoofdletters. Maar eerst moet je iets anders weten. Taalgekken zoals ik zoeken vaak woorden op om zeker te zijn van de correcte spelling. Daarvoor gebruik ik Het Groene Boekje, de officiële Woordenlijst Nederlandse Taal (met zes hoofdletters, mind you). Dat verscheen in 2005, bij de meest recente spellingsherziening. Toen waren veel mensen zo verontwaardigd over de nieuwe regels, dat ze besloten die niet of niet allemaal te volgen. Zo ontstond het Witte Boekje, de alternatieve spelling. De opvolger daarvan heet Spellingwijzer Onze Taal.

Als tekstschrijvers verplichten we ons te schrijven volgens de geldende spellingregels van het Groene Boekje. Daarin staat over hoofdletters: namen van officiële feestdagen schrijven we met een hoofdletter (regel 16.L op pagina 105). Dus: Bevrijdingsdag, Suikerfeest, Chanoeka, Pasen en Pinksteren (nooit op één dag), en dus ook: Kerstmis.

Maar de samenstellingen met die woorden schrijf je met een kleine letter: kerstcadeau, kerstwens, kerstdag. Dus Kerstmis bestaat uit kerstavond, eerste kerstdag en tweede kerstdag (het Groene Boekje is hier strenger dan het Witte Boekje, daarin zijn Eerste Kerstdag en Tweede Kerstdag ook goed). Tijdens Kerstmis vieren we het kerstfeest en zingen we kerstliedjes. Wie geluk heeft, krijgt een kerstcadeau. Van wie? Van de Kerstman! Want Kerstman is de eigennaam van een uniek persoon, net als Sinterklaas. En namen schrijf je met een hoofdletter.

Speciaal geval: de voorgedrukte kerstkaart

Straks maken we massaal gebruik van de voorgedrukte kerstkaart. Heb je daar wel eens goed naar gekeken? Alle variaties komen voorbij:

Prettige Kerstdagen en een Gelukkig Nieuwjaar (2 fouten)

prettige kerstdagen en een gelukkig nieuwjaar (1 fout)

Prettige Kerstdagen en een gelukkig nieuwjaar (2 fouten)

Prettige kerstdagen en een gelukkig Nieuwjaar (0 fout)

Dit alles volgens de regels van Het Groene Boekje. Onze Taal denkt er anders over. Hoe dan ook, je moet maar zo denken: toch goed bedoeld, zo’n kaart. Word je zelf depressief van de hoofdletters? Dan is er nog altijd gelegenheid genoeg jezelf een stuk in de kraag te drinken bij het sinterklaasfeest, de kerstborrel, tijdens oudjaarsavond. Of met Nieuwjaar bij de nieuwjaarsreceptie.

Santé en proost!  En alvast een fijne kerst en een foutloos 2020 gewenst!

Als interim communicatieadviseur hielp ik een van mijn opdrachtgevers bij de verhuizing naar een nieuw pand. De nieuwe locatie was niet alleen mooier, maar ook duurzamer en ingericht op de toekomst. Toch waren medewerkers niet direct enthousiast. Terwijl hun hulp en enthousiasme juist in zo’n verhuisperiode keihard nodig zijn. Begin intern, is dan ook de eerste van mijn 8 tips voor een goede verhuiscommunicatie.

1 Begin intern

  • Tevreden medewerkers zijn de beste ambassadeurs. En medewerkers zijn altijd meer tevreden als ze goed op de hoogte zijn. Begin dus bij hen met uw verhuiscommunicatie. Neem hen om te beginnen mee naar de reden van de verhuizing. Wat heeft de nieuwe locatie dat de huidige niet heeft? (bijvoorbeeld: ruimer, beter bereikbaar). Waarom is er gekozen voor dit specifieke pand (bijvoorbeeld: groter of duurzamer of geschikter voor een nieuwe manier van (samen) werken).
  • Ga in tweede instantie pas in op details zoals de kenmerken van het nieuwe pand Medewerkers willen daarbij vooral weten wat de verhuizing voor hen betekent. Verplaats u dus in hen en geef antwoord op hun vragen: Hoe zien de nieuwe werkplekken eruit? Hoe komen ze er? Zijn er voldoende parkeerplaatsen voor auto en fiets, is er OV in de buurt? Is er een kantine? Beantwoord alle vragen, laat zien dat u zorgvuldig hebt nagedacht over de consequenties van de verhuizing voor medewerkers en bezoekers!
  • Geef de verhuizing, als het kan, een motto mee. Denk aan iets als: ‘Van oud naar goud’. Of ‘Van een 4 naar een 10’ (vul hier het oude en het nieuwe huisnummer van uw organisatie in) Of: ‘Even dicht maar straks meer open’. Het is belangrijk dat het motto past bij jullie bedrijf en bij de soort verhuizing

2 Houd medewerkers goed op de hoogte

Als er gebouwd of verbouwd wordt, geef dan regelmatig een update via mail of intranet. Hang posters op of maak een verhuiskrant, afhankelijk van de grootte van het bedrijf en van de omvang van de verhuizing. Organiseer inloopdagen in het nieuwe pand en maak daar een klein feestje van. Nodig medewerkers als alles klaar is als eerste uit om te komen kijken. Maak daarvoor een verrassende uitnodiging! Kortom: Doe er alles aan om medewerkers enthousiast te maken, want dat enthousiasme zorgt voor de energie intern die nodig is bij een verhuizing en voor de juiste uitstraling naar buiten.

3 De inrichting

Denk eens rustig na over de communicatie van de inrichting. Hoe heten de verschillende ruimten? Hebben jullie straks bijvoorbeeld een koffiecorner, een café of gewoon een koffieautomaat? Wat past bij jullie nieuwe uitstraling als bedrijf? Hoe zien de naambordjes op de deuren er uit? Krijgen spreekruimten gewoon een nummer of toch een aansprekende naam mee die makkelijk in de mond ligt en iets zegt over jullie bedrijf?

4 Drukwerk

Pas de huisstijl aan. Briefpapier/visitekaartjes/enveloppen/adresetiketten/stempels/stickers worden steeds minder gebruikt, maar zijn voor veel officiële stukken nog steeds nodig. Denk ook aan documenten, formulieren, brochures en contracten. En advertenties.

5 Denk ook aan digitaal

Ook digitale sjablonen, de handtekeningen onder alle mail-berichten en de contactpagina van de website moeten op het laatste moment worden aangepast.

6 Vertel het klanten en leveranciers op tijd

Kondig de verhuizing ruim op tijd aan. Het meest praktisch, goedkoop en snel is om dat via mail te doen. Besteed wel wat aandacht aan de tekst en uitstraling van die mail. Gekozen voor een campagne? Gebruik dat beeld dan ook hier.

Overigens: een unieke en opvallende adreswijziging per post valt in deze tijden van digitalisering meer op dan ooit!

7 De dag van de verhuizing

Stuur medewerkers de avond tevoren of ’s morgens vroeg een mail met de laatste aanwijzingen. Zet van tevoren berichten klaar op social media en deel deze halverwege de dag met een actuele foto. Hang als dat kan banners, posters of steigerdoeken op het nieuwe pand. Zorg dat de bereikbaarheid goed is geregeld. Verwijs bezoekers die onverhoopt toch bij het oude pand staan netjes door. Laat alle digitale wijzigingen (punt 5) nu in gaan.

8 Feestelijke opening

Organiseer op de nieuwe plek een feestje in stijl voor medewerkers, klanten en leveranciers. Een mooie aanleiding om te laten zien dat het goed gaat met jullie bedrijf! Vergeet in uw openingsspeech niet degenen te bedanken die de verhuizing in goede banen hebben geleid.

Hulp nodig bij een plan voor uw verhuiscommunicatie en/of de juiste, aansprekende teksten? Bel Redactieprof Sasja (T 06 448 32 893) voor een kennismaking. Zij kijkt dan samen met u bij welke Redactieprof uw verhuiscommunicatie in de beste handen is.

‘One last drink, please.’

Dit waren de laatste woorden van Jasper Newton ‘Jack’ Daniel uit Tennessee, vlak voordat hij in 1911 zijn laatste adem uitblies. Een passend slotakkoord van de man die 35 jaar eerder whisky was gaan stoken. Dat deed hij niet onverdienstelijk: Jack Daniel’s groeide uit tot een van de grootste destilleerderijen ter wereld. 

Famous last words

Volgens de overlevering had Willem van Oranje na het fatale pistoolschot van Balthazar Gerards nog net de tegenwoordigheid van geest om Gods genade te vragen: ‘Mijn god, mijn god, heb medelijden met mij en met dit arme volk.’ In 2012 werd deze mythe naar het rijk der fabelen verwezen: de arme man moet op slag dood zijn geweest. Jammer voor het verhaal, zijn laatste woorden waren te mooi om waar te zijn. 

Laatste woorden doen ertoe, óók in jouw blog of artikel. Met een pakkende titel help je de lezer over de drempel, waarna je hem of haar met een sterk intro en vervolg dieper naar binnen trekt. Maar het slot bepaalt met welk gevoel je de lezer achterlaat. Het einde van het artikel biedt perspectief op een betere wereld, laat de lezer ontredderd achter of zet aan tot bestellen. 

Daarom 6 tips om in stijl af te sluiten:

1. Neem een call-to-action op

In iedere cursus zakelijk schrijven komt-ie langs: de call-to-action. Oftewel: de laatste A van het AIDA-model waarmee je een succesvolle verkoopbrief opbouwt: attention-interest-desire-action. Soms is een button of een link om door te klikken passend. Die laatste kunnen vaak prima zonder commerciële suikerlaagjes als ‘download nu direct’ of ‘neem gerust contact met mij op’. Ik merk dat ik eerder klik op links die al iets van de inhoud erachter prijsgeven. Zo gaat deze blog over hoe je een artikel eindigt, maar in een ander vind je juist tips voor hoe je een artikel begint.

2. Stel de hamvraag

Zou jij ook graag eens je tanden in een sprinkhanenburger zetten? Wat doe jij om na je werk te ontspannen? Wat zijn we nu echt opgeschoten met deze nieuwe wet? Veel blogs worden afgesloten met een vraag aan de lezer. Dat kan zijn om reacties los te krijgen, maar ook om de lezer aan het denken te zetten. 

Krachtige inhoud heeft niet per se een expliciete vraag aan de lezer nodig om het gesprek op gang te krijgen. Zo werd Volkskrant-journalist Fokke Obbema ongevraagd overspoeld met reacties nadat hij in een artikel had verteld dat hij door een hartstilstand ‘even dood’ was geweest. 

3. Maak het verhaal rond met een pakkende uitsmijter

Als je een blog of artikel schrijft, werk je meestal naar een conclusie toe. Gebruik hiervoor geen omhaal van woorden, maar formuleer deze zo krachtig mogelijk. Geef de lezer iets mee om over na te denken: 

  • ‘De boeren krijgen alle waardering, maar de groene weides worden niet gered door Gretha Thunberg monddood te maken.’ (column Peter de Waard in De Volkskrant);
  • ‘Civil wars are a lot easier to start than to stop’ (artikel over Brexit en de Noord-Ierse kwestie in The Guardian).
  • ‘Hap wat vaker een harinkje, ga regelmatig een blokje om en vergeet vooral dat dagelijkse vitamine D-supplement niet’ (artikel van Lisette de Groot over voeding voor ouderen). 

4. Gebruik een cliffhanger

Seizoen 7 van Homeland eindigt met een joekel van een cliffhanger, waardoor ik niet kan wachten totdat seizoen 8, het laatste, begint. Ook in blogs kun je de cliffhanger gebruiken om ervoor te zorgen dat de lezer je blijft volgen. Door te vertellen waar je het de volgende keer over gaat hebben, kun je je publiek een overtuigende reden geven om je te blijven volgen.

5. Vat nog even samen

Dus: de laatste woorden van je blog zijn belangrijk, omdat ze bepalen met welk gevoel je de lezer achterlaat. Kies je laatste woorden daarom met zorg!

6. Zet de PS in

Niet alleen in direct mail, maar ook in blogs komt de PS veel voor. Logisch, want die bungelt lekker opvallend onderaan en heeft dus veel attentiewaarde. Een variant op de PS is de UPDATE, als je nieuwe informatie hebt toegevoegd. 

PS: lees ook de blog van mijn collega Marleen over schrijftips die je meteen mag vergeten.

Wat een mooie dag vandaag! We gaan eropuit. Of gaan we er op uit? Erop uit? Er opuit? Simpele woorden zijn soms lastig te spellen. Zoals de werkwoorden met voorzetsels: uitgaan van, opnemen tegen, eraan komen, afblijven. Wil je weten hoe het zit?

Eerst even terug naar de basisschool om duidelijk te maken waar we het over hebben. Een voorzetsel is een woord zoals aan, voor, tegen, bij, tussen, tijdens, in, met. Het drukt een tijd uit: Tijdens de race kreeg de coureur een hartaanval. Of een plaats: De relschoppers sprongen op de auto terwijl ik erin zat. Of een middel: Met deze informatie kan ik mijn artikel schrijven.

Een werkwoord is een woord dat een handeling uitdrukt. Hoeft niet letterlijk, maar een werkwoord is meestal iets wat iemand doet. Lopen, fietsen, werken, schrijven, sporten, liegen, zoenen, trouwen, vreemdgaan, tv-kijken, twitteren, bloggen en zandzeepsodemineraalwatersteenstralen (het langste werkwoord uit de Van Dale, niet meer opgenomen vanaf 2005).

Vast voorzetsel
Sommige werkwoorden combineer je met een vast voorzetsel: afrekenen met, uitkijken naar, opzien tegen, rekenen op, toekomen aan en nog honderden andere werkwoorden. Ook ‘uitgaan van’ is zo’n werkwoord. Hoe simpel dit woord ook klinkt, goed spellen is lastig. Vooral bij het woord ‘er’ (of hier, daar en waar).

Welke zin is goed gespeld?
1 Ik ga ervan uit.
2 Ik ga ervanuit.
3 Ik ga er van uit.
4 Ik ga er vanuit.

Zin 1 is correct. De regel is: bij ‘er’ schrijf je het voorzetsel eraan vast. Dus ‘van’ hoort bij ‘er’ en je schrijft het aan elkaar. Dat mag ook bij waar, daar en hier. Dus: waarvan, daarvan, hiervan. Maar ‘uit’ hoort bij ‘uitgaan’. Het zit eraan vast, want het werkwoord is: uitgaan van.
En je mag maar één keer plakken (= aan elkaar schrijven).

TIP 1: aan ER, WAAR, HIER en DAAR mag je PLAKKEN.
Dus PLAK het ene voorzetsel altijd vast aan ER, WAAR,  HIER, DAAR.
Maar PLAK het andere voorzetsel er NIET aan vast als het hoort bij het werkwoord (dus vastzit aan het werkwoord).

TIP 2: hoe weet je of een voorzetsel hoort bij het werkwoord?
Dat kun je horen. Zeg het hele werkwoord hardop. Is het gaan van, of uitgaan van? Is het afvallen, of vallen?

TIP 3: zo schrijf je constructies met ‘ervan uitgaan’.
Ik ga ervan uit dat ik gelijk heb.
Ga daar maar gerust van uit.
Willen jullie hiervan uitgaan?
Waar kan ik van uitgaan?

TIP 4: dit zijn nog andere voorbeelden waarvan je denkt: huh??
Hij valt ervan af (= van het dieet).
Hij valt ervanaf (van de tafel waar hij met z’n dronken kop op was geklommen).
Kan ik ervan opaan dat je op tijd bent?
Ze kreeg ervanlangs. Of ze kreeg ervan langs (mag allebei, het is een beetje vreemde combinatie).

TIP 5: Ook wijzer worden? Bekijk net als ik heel vaak deze website.
Veel plezier met uitgaan en plakken!

Collega Cindy gaf onlangs in haar blog tips om te starten met schrijven. Jeroen N. en Jos beginnen vaak met een mindmap. Redactieprof Jos legt uit hoe je een mindmap maakt en wat je ermee kunt doen.

Een gewaardeerde collega heeft elders een baan gevonden en je chef heeft jou gevraagd een tekst te schrijven voor zijn speech bij het afscheidsetentje. Je moet nodig een nieuwe blog schrijven voor je website. Je gaat een boek samenvatten voor je collega’s. Hoe pak je het aan? Een mindmap helpt je je gedachten te ordenen, hoofd- en bijzaken te scheiden en creatief te denken.

Denkproces in kaart

Een mindmap is een kaart van een denkproces. In het midden staat een tekening of symbool van het centrale onderwerp. Vanuit dat punt lopen gekleurde banen naar deelonderwerpen die daarmee te maken hebben. Die worden voor een deel uitgedrukt in symbolen en tekeningen. De deelonderwerpen worden weer verder opgesplitst.

Het hele plaatje

De Brit Tony Buzan is een van de grondleggers van de mindmap. Het grote voordeel van mindmappen, aldus Buzan, is dat je twee hersenhelften tegelijk aan het werk zet. De rationele linkerhelft en de intuïtieve rechterhelft. Door plaatjes en kleuren te gebruiken en dingen met elkaar te verbinden, haal je het beste halen uit je denkproces. Je legt gemakkelijker verbanden en je hebt een overzicht van ‘het hele plaatje’.

Associëren

Een ander voordeel is dat je met mindmappen de associaties van de hersenen kunt volgen. Als je bijvoorbeeld een toespraak voorbereidt, denk je niet lineair: eerst vertel ik a, dan b, dan c. Vaak bedenk je: ik moet in ieder geval b vertellen, o ja, en dan ook nog d. En ik moet a niet vergeten. O ja, bij d moet ik eraan denken… enzovoort. Denken is associëren. Met een mindmap geef je alles zijn plek. Als je iets te binnen schiet wat bij een ander onderwerp hoort, ga je terug naar dat onderwerp.

Leonardo da Vinci

Tony Buzan bracht mindmaps in de jaren zeventig onder de aandacht van een breed publiek, maar het idee is al veel ouder. Beroemd zijn de tekeningen waarmee Leonardo da Vinci aantekeningen maakte en zijn ideeën uitwerkte. Ook Michelangelo, Charles Darwin, Albert Einstein, Winston Churchill en Thomas Edison gebruikten mindmaps om hun gedachten te ordenen.

Ook voor andere taken

Mindmaps zijn een krachtig hulpmiddel om teksten te schrijven, maar ook voor allerlei andere taken. Bijvoorbeeld een dagindeling maken, een vergadering voorbereiden, een boek samenvatten of een feest organiseren.

Een mindmap in 7 stappen

  1. Neem een vel papier, liefst A3-formaat, en draai het een kwartslag, zodat de lange kant onder is. Begin in het midden. Dat geeft je de vrijheid om naar alle kanten uit te waaieren.
  2. Gebruik een plaatje of een tekening als symbool van het centrale onderwerp. Een afbeelding zegt meer dan veel woorden en het stimuleert de verbeelding. Een centrale voorstelling helpt je om je te concentreren op het onderwerp.
  3. Gebruik kleuren. Kleuren zijn voor de hersenen net zo opwindend als plaatjes. Ze brengen leven in de mindmap en prikkelen het creatieve denken.
  4. Verbind met dikke lijnen de verschillende onderwerpen (niveau 1) met het centrale thema. Vanuit niveau 1 trek je lijnen naar niveau 2, enzovoort. Op deze manier leg je de eerste verbanden. Zo kun je makkelijker begrijpen en onthouden.
  5. Gebruik vloeiende, gebogen lijnen. Rechte lijnen zijn saai en prikkelen de hersenen niet. Gebogen lijnen, als takken in een boom, verlevendigen het plaatje.
  6. Gebruik niet meer dan één trefwoord per lijn. Enkele trefwoorden geven de mindmap meer flexibiliteit. Je kunt op elk trefwoord verder associëren.
  7. Gebruik afbeeldingen en plaatjes om de mindmap te verfraaien en tot leven te brengen. Dit helpt je bij het verder associëren en het later onthouden van de mindmap.

Binnen de mindmap kun je met kleuren en symbolen een rangorde aanbrengen en prioriteiten aangeven. Het belang van onderwerpen kun je benadrukken met grotere letters. Blokletters vergroten de leesbaarheid en de leessnelheid. Heb je de mindmap gereed, dan kun je er een lineair verhaal van maken. Geef dan met cijfers aan in welke volgorde je de verschillende zaken wilt behandelen.

Met je zakelijke e-mails wil je efficiënt, klantvriendelijk, beleefd en professioneel overkomen. Hoe? Ga back to the basics met deze 7 tips voor goede zakelijke mails.

Eerst even een anekdote die ik ooit ergens las. Tijdens een buitenlands congres zetten eens een man en een vrouw, beiden getrouwd (maar niet met elkaar), flink de bloemetjes buiten. Toen het congres was afgelopen en iedereen weer thuis was, stuurde de vrouw haar geheime lover nog een mailtje. Waarin ze, haar hoofd nog vol van de romantische belevenissen, verslag deed van de fantastische avond en de spannende nacht. Inclusief alle kinky details. Ze verstuurde de mail als antwoord op een eerder mailbericht uit de congresmailgroep. Handig hoor, met één muisklik ….en de reply-allknop. Oepsie!

Nou, uitkijken dus als je zakelijk mailt. Doe je voordeel met deze 7 tips voor tiptop verzorgde zakelijke e-mails.

 1          Geachte, Beste of Hallo?
Een zakelijke mail is hetzelfde als een zakelijke brief.
Begin zakelijke mails dus met: Geachte mevrouw, of: Geachte heer De Vries. Beste Jan of Dag Ingrid mag ook, als je de ontvanger goed kent en tutoyeert.
Beter niet: Hallo Piet (te plat en te informeel) of Beste mevr. Jansen (afkortingen in de aanhef, daarmee laat je zien dat je de lezer niet serieus neemt, want je doet weinig moeite). 

2          Groetjes!?
Onderteken je mail (net als een brief) met: Met vriendelijke groet of Met vriendelijke groeten. Met hartelijke groeten kan ook. Zet je contactgegevens eronder (maar geen ellenlange bedrijfsboodschap, nergens voor nodig).
Beter niet: Groetjes (te informeel), M vr gr of gr. Gn fkrtngn! Zie tip 1 laatste zin. Zelf denk ik altijd als iemand Gr schrijft: ben je boos?

3        Gebruik de onderwerpregel. Schrijf hierin kort en krachtig waar de mail over gaat. Gebruik je een oude mail bij een nieuw onderwerp? Vergeet niet de onderwerpregel aan te passen. Anders loop je het risico dat mensen de mail niet eens openen.

4          Pas op met reply all en bcc. Bij reply all laat je iedereen weten wat je antwoordt, meestal is dat alleen maar lastig voor de anderen. Bcc (blind carbon copy) kan leiden tot verdeel-en-heerspolitiek en het draagt niet bij aan openheid of een transparante bedrijfscultuur.

5          Check de mail ALTIJD vóór je hem verzendt. Is de boodschap duidelijk? Niks vergeten? Spelling en formulering in orde? De juiste geadresseerden geselecteerd?

 6         Mail nooit als je geïrriteerd of boos bent. Een geschreven tekst kan veel botter, harder of vervelender overkomen dan een gesproken tekst. Boze mails maken de zaak vaak erger dan hij is. Gebruik zakelijke mail voor informatie, vragen stellen, bevestigen van een afspraak, als begeleidende tekst bij een bijlage, etc. Gaat het om slecht nieuws of gevoelige informatie? Dan kun je beter bellen of kiezen voor een face-to-facegesprek.

7         Schoon op die sliert. Het komt rommelig over als de hele eerdere correspondentie als een lange sliert onderaan je bericht hangt. Weg ermee.

Spelling. Geen sexy onderwerp en het vormt ook niet de kern van het vak van tekstschrijver. Toch gaat Redactieprof Marleen vandaag in op de punten en komma’s.

Het grootste misverstand over mijn vakgebied? Dat ik me als tekstschrijver vooral bezig houd met d/t’s, punten en komma’s: spellingkwesties en aanverwanten. Welnee! Dat is geen vak, dat is een vaardigheid. Niet erg sexy – en tóch ga ik het vandaag eens over die punten en komma’s hebben. 

Kommaneuker. Ik vind het een bizar woord, maar eerlijk is eerlijk: het kommaneuker-zijn is één van de aspecten van mijn werk. Correcte spelling is een voorwaarde waaraan mijn werk moet voldoen. Dat is niets bijzonders, want dat geldt wel voor meer beroepen – op het secretariaat of voor de klas hoort het er immers ook bij. 

Voor tekstschrijvers zit het onderscheidende vakmanschap in andere aspecten, zoals de argumentatie, de tekststructuur, de aantrekkelijkheid en het doel van de tekstproductie. Daarbij komen vaardigheden als analytisch denken en kennis over bijvoorbeeld retorica, mentale processen (hoe leren en onthouden lezers?) en psychologische processen (hoe laten lezers zich beïnvloeden?) goed van pas.

Punten en komma’s: waar gaat het vaak mis?

Maar over zulke processen ga ik het vandaag niet hebben. Het is hoogzomer, het is tijd om zo veel mogelijk buiten te spelen, dus we houden het simpel: punten, komma’s, dubbele punten en puntkomma’s. Waar gaat het vaak mis en hoe gebruik je ze correct? 

Punt en komma

Veel mensen vinden het gebruik van punten en komma’s in citaten verwarrend. Collega Jos sneed het even al aan in zijn blog over aanhalingstekens: de punt hoort wél in het citaat, maar de komma niet. Dus:

“Ik ga vandaag naar het strand”, zei hij.

Hij zei: “Ik ga vandaag naar het strand.” 

Komma, en?

Veelgemaakte opmerking in redigeerkantlijnen: ‘je mag geen komma zetten voor het woord ‘en’. Misverstand! Typisch geval van ‘vage schrijftip tot wet verheffen’. 

Een komma voor ‘en’ kan juist heel functioneel zijn. Kijk maar:

In Zandvoort is het op het strand veel drukker dan IJmuiden en Scheveningen trekt de meeste badgasten.

Bij het lezen van die zin blijf je even haken in het midden. Dat los je op met een komma, want dan zie je in een oogopslag dat IJmuiden en Scheveningen niet bij elkaar horen in deze vergelijking: 

In Zandvoort is het op het strand veel drukker dan IJmuiden, en Scheveningen trekt de meeste badgasten.

Toch kun je ook gerust een komma voor ‘en’ zetten als er geen sprake is van betekenisverschil. Gewoon, omdat je even een adempauze wilt in een zin.

(Overigens: mijn opmerking dat de ogen van lezers blijven haken op onduidelijke passages, kun je letterlijk nemen. Taalbeheersers hebben veel onderzoek gedaan naar leesbaarheid door de oogbewegingen van lezers met een camera te registreren.)

Puntkomma versus dubbele punt

De puntkomma en de dubbele punt worden nogal eens door elkaar gebruikt. Toch is er een functioneel verschil:

  • de puntkomma kun je zien als een soort eerstegraads-familielid van de punt. Twee zinnen die samen een goed stelletje vormen, kun je zichtbaar aan elkaar verbinden door de punt te vervangen door puntkomma. Een toepasselijk voorbeeld daarvan vond ik bij Onze Taal: We hebben een mooie zomer gehad; vooral augustus was heerlijk zonnig.
  • de dubbele punt geeft aan dat het tweede deel van de zin uitleg geeft over het eerste deel. Er is bijvoorbeeld een oorzakelijk verband, of een deel-geheel-relatie: Een mooie zomer heeft ook zo z’n nadelen: de bodem droogt uit, dijken kunnen verzakken en oogsten kunnen mislukken.

Vind je dit ‘kommaneuken’? Dat is het misschien ook, maar vergeet niet: jouw lezers hebben echt nog wel meer te doen dan het aandachtig lezen van jouw tekst. Agenda’s zijn vol en afleidingen zijn talrijk. Dus maak het je lezers gemakkelijk en voorzie ze van teksten die lekker vlot weglezen. Dat vergroot meteen de kans dat de boodschap blijft hangen.

Maar wat die seks met komma’s betreft: ik ga liever weer gewoon ouderwets muggenziften.

Meer weten over spelling? Lees ook deze blogs: 

Aaneenschrijven, koppelteken of los?

Gedachtes bij een foute apostrof

Het SEO-probleem: goed zoeken, maar ook goed spellen

Hun of hen – voor haarklovers en muggenzifters