Redactieprofs | Jeroen van den Nieuwenhuizen
3
archive,author,author-jeroen,author-3,ajax_fade,page_not_loaded,,qode-title-hidden,qode-child-theme-ver-1.0.0,qode-theme-ver-11.2,qode-theme-bridge,wpb-js-composer js-comp-ver-6.2.0,vc_responsive

Net als jij besteed ik gruwelijk veel tijd aan digitale apparaten. Alleen al op mijn Mac schrijf ik, communiceer ik met klanten, collega’s en vrienden, bestel ik dingen, lees ik nieuws, kijk ik voetbal… Doordat ik zóveel op één apparaat doe, loopt alles door elkaar, raak ik overprikkeld en vind ik het moeilijk om grip te houden op mijn gedachten. 

Natuurlijk zijn er manieren voor om de controle terug te vinden. Lees: The Organized Mind van Deniel Levitin, over hoe je helder blijft denken in dit tijdperk van informatieoverload. Maar er is in ieder geval één truc die ik je van harte kan aanbevelen: keer terug naar papier.  

Schaf een mooi notitieboek aan

Of neem een A3-vel. Of een schetsboek. Met papier aan de keukentafel – zonder digitale distractie – komt er weer lijn in mijn gedachten. Daar laat ik ze de vrije loop, ontstaat flow van een verhaal, maak ik lijstjes voor van alles en ontworstel ik me als ik ben vastgelopen. Daar raak ik gefocust en ben ik creatiever. 

Het toetsenbord voert vervolgens uit wat ik heb bedacht. Maar dan is het echte werk al gedaan.

Als ik werk, luister ik naar muziek. Toen ik als tekstschrijver begon, kwam ik terecht in een uiterst gezellige studio met collega-tekstschrijvers en ontwerpers. De laatste groep bepaalde meestal wat er werd gedraaid, wat varieerde van Meindert Talma en Eels tot nichebandjes die ik daarna nooit meer heb gehoord. Sindsdien staat de muziek aan. Tijdens het werk kies ik voor repertoire dat ik door en door ken, zoals mijn vergaarbak op Spotify met honderden pop- en rocknummers die ik leuk vind. Om te focussen kies ik nog weleens de Dire Straits. Onacceptabel voor de fijnbesnaarden onder ons, maar vooral Love over Gold meandert zo lekker. Bruce Springsteen, Pixies, Marillion en de onvolprezen Tröckener Kecks helpen me af te blazen.

Klanken maken stofjes aan

Ga je ook echt beter werken door muziek? In dit NRC-artikel las ik dat 8 op de 10 Britse chirurgen opereren met muziek aan. In hetzelfde artikel legt hoogleraar klinische neuropsychologie Erik Scherder uit dat muziek een stimulerend effect tijdens het werk kan hebben: klanken gaan via de oren naar de hersenstam, waar stofjes worden aangemaakt die zorgen voor ‘opwinding’. Die stofjes zetten vervolgens de hersenschors ‘aan’ en dat zou ervoor zorgen dat je beter geconcentreerd kunt werken.

Klassieke muzak

Navraag bij mijn collega-Redactieprofs leert dat ik niet de enige ben die gedijt bij muziek tijdens het schrijven. Collega Jos heeft bij voorkeur Classic FM opstaan, zeker als hij zich moet concentreren. “Klassieke muzak”, noemt hij het: “Ik hoor het nauwelijks, maar voel me er prettig bij. Enige puntje is dat regelmatig Intermezzo van Cavalleria Rusticana (Pietro Mascagni) langskomt. Dat stond op bij de crematie van mijn vader. Dan voel ik me even wat ongemakkelijk. Soms zet ik een YouTube-video aan met vogelgeluiden en stromende bergbeken. Ook heel rustgevend. Ik had ooit een leraar die op de korte golf een Russisch radiostation opzocht. Dan had hij wel geluid en stemmen, maar omdat hij ze toch niet verstond, werd hij er niet door afgeleid.”

“Ik hoor het nauwelijks, maar ik voel me er prettig bij”

Piano op de achtergrond

Cindy zweert bij pianomuziek als katalysator. “Ik luister graag naar de playlist Piano in the background. Op een flexplek met anderen om me heen heb ik regelmatig een noise-cancelling koptelefoon op, soms met die playlist, soms met ’stilte’. Maar ik kan ook prima werken met het gesmoes en getik van de anderen om me heen.”

Als klassiek suf maakt: Buckethead

Tom schrijft altijd met muziek aan. Voorspelbaar werk, liefst zonder tekst: “’s Ochtends begin ik bijna altijd met easy listening, zoals Vivaldi of Chopin. Vaak begin ik met deze, dan weten m’n hersens gelijk dat ze aan de slag moeten. Voor minder complex werk luister ik daarna eigenlijk van alles, waar ik maar zin in heb. Maar als ik me later op de dag nog echt moet concentreren, maar iets te suf ben van de klassieke muziek, dan zet ik bijvoorbeeld Buckethead op. Dat is een vent met een KFC-emmer op zijn hoofd, die fantastische gitaarmuziek maakt. Het is even rustig en voorspelbaar als klassiek, ook omdat ik het al door en door ken, maar heeft toch wat meer pit.”

De magie van de afspeellijst

Sasja typt meestal in stilte, zegt ze. “Maar soms vind ik het té stil en zet ik een muziekje op. Dat doe ik bij de wat monotonere klussen zoals een laatste correctieronde of de kwartaalboekhouding. En vaker in de winter als het donker en nat is buiten. In de zomer loop ik vaker even tussendoor de tuin in.”

De afspeellijsten van Spotify vindt ze een van de mooiste uitvindingen van onze tijd: “Magisch gewoon; je typt iets in als ‘A walk alone’ en je krijgt urenlang muziek van muzikanten die ik anders nooit zou hebben gevonden. En platen omdraaien of een nieuwe cd opzetten, daar denk ik tijdens mijn werk helemaal niet aan. En anders trouwens ook niet. ‘Wat leven we toch in een mooie tijd’, denk ik dan als ik zo lekker zit te luisteren en te werken. Dat wil zeggen: er is heus veel mis in de wereld maar in de beslotenheid van mijn werkkamer is er dan ook veel moois.”

“Muziek is voor na het werk. Lekker even knallen met Pearl Jam tijdens het uitruimen van de vaatwasser.”

Stilte, en zeker geen radio met jingles

Voor onze punkrocker Marleen geen muziek tijdens het schrijven: “Dan heb ik stilte nodig. Alleen de wisselwerking tussen mijn denken en het scherm, dat werkt voor mij het beste. En zeker geen radio, met stemmen en jingles en reclame. De periodes dat ik interim in kantoortuinen aan de slag ben, zet ik soms wel muziek op. Maar dan alleen om me af te sluiten van de gesprekken om me heen. Oortelefoontjes in, mijn eigen playlists opzoeken. Of, beter nog, de mooiste vorm van witte ruis: natuurgeluiden. Regen of stromend water werkt heel goed, dat filtert alle andere geluiden weg. Het verzacht zelfs verbouwingsherrie. Muziek is voor na het werk. Lekker even knallen met Pearl Jam tijdens het uitruimen van de vaatwasser.”

Wel een wasmachine die draait

Ook Theanne wil van geen muziek weten: “Muisstil moet het zijn hier. Ik erger me al kapot aan de grasmaaier van de buren. Ik heb het nooit begrepen dat iemand kan werken met muziek aan. Dan is mijn aandacht in elk geval zwaar verdeeld. Word ik gek van. Op dit moment draait de wasmachine. Dat vind ik dan wel weer een fijn geluid, omdat ik dan denk: sjonge, lekker dat die was weer gedaan wordt, zonder dat ik daar iets voor hoef te doen.”

Haar zoon luisterde laatst naar ASMR. “Ken je dat? Echt eng. Van die huishoudgeluiden waar je dan van zou ontspannen.”

Leveranciers uitnodigen om als partner samen een maatschappelijke opdracht te vervullen: Dienst Justitiële Inrichtingen is er al jaren mee bezig. Met succes.

Zo zet de verfleverancier kennis en kunde in om gedetineerden een toekomst als professioneel schilder te geven. De aanbieder van tolkdiensten geeft ook taaltrainingen. Weer andere leveranciers nemen ex-gedetineerden in dienst.

Ook aan een andere maatschappelijke opdracht werken leveranciers mee: het verkleinen van de – forse – ecologische voetafdruk. Bajesdaken worden bedekt met zonnepanelen, het wagenpark wordt elektrisch en voedselverspilling wordt samen aangepakt. Aanbestedingen worden minder dichtgetimmerd en bieden inschrijvers meer manoeuvreerruimte om DJI bij de hand te nemen.

Magazine

In het magazine Impact zijn de verhalen van leveranciers gebundeld – voor het derde jaar alweer. Redactieprof Jeroen van den Nieuwenhuizen schreef de verhalen. Opdrachtgever: Wolter van der Vlist (DJI). Fotografie: Marieke Duijsters.

Redactieprofs sommen op: welke platitudes moeten we liever vermijden in teksten?

‘Het komt wel héél dichtbij’

Collega Jeroen van der Bijl krijgt kromme tenen van deze uitspraak, die te pas en te onpas wordt gebruikt om ontwikkelingen te duiden: van terrorisme en enge ziektes tot onweer. Maar Jeroen maakt graag van de nood een deugd en ontdekte: je kunt ‘m tijdens verjaardagen en vergaderingen risicoloos in de groep gooien: werkt altijd. 

‘Ik heb het nog nooit gedaan, dus ik denk dat ik het wel kan’

Wordt massaal gepapegaaid als quote van Pippi. Er zijn zelfs tasjes van. Opmerkelijk, de zin komt in geen enkele Pippi-uitgave voor (zie Misquotes onder de FAQ op astridlindgren.com).  

‘Het leven is een feest, maar je moet wel zelf de slingers ophangen’

Oftewel: het lukt, als je maar wilt. Best een treurig beeld ook, zelf de slingers van je eigen feest moeten ophangen. 

‘… is mijn passie’

Een passie voor reizen, schrijven, weerbarstige processen, champignons, waterzuivering, rechtvaardigheid: de wereld wordt door hartstocht overstroomd. 

‘Mag ik dit even parkeren?’

Waarna de geïnterviewde er alles aan doet om er niet op terug te hoeven komen, signaleert collega Helene de Bruin.

‘Laten we binnenkort een kop koffie doen’

‘Gebeurt nooit’, aldus Helene.  

Dit gaat helemaal nergens over!

Stopzin voor welke situatie dan ook. Gebruik ‘m bijvoorbeeld als je je aansluit bij de vrijmibo en je collega heeft de eerste bitterbal al te pakken. Of als je voor een open brug staat. ‘Dit gaat helemaal nergens over’ gaat inderdaad helemaal nergens over.

‘Dit moeten we met zijn allen niet willen’

Wie bepaalt dat? Collega Eveline Bets wordt licht opstandig van deze zin. 

‘Ik hoor wat je zegt’

Betekent volgens Eveline: ‘Ik ben het niet met je eens, maar ik ben beleefd’. 

‘Ik sta met de poten in de klei, zeg maar’

Typische uitspraak van ‘echte doeners’ met een ‘hands-on-&-can-do-mentaliteit’.

Welke zin hoort volgens jou ook in dit lijstje? Laat het weten en we voegen ‘m toe!

‘One last drink, please.’

Dit waren de laatste woorden van Jasper Newton ‘Jack’ Daniel uit Tennessee, vlak voordat hij in 1911 zijn laatste adem uitblies. Een passend slotakkoord van de man die 35 jaar eerder whisky was gaan stoken. Dat deed hij niet onverdienstelijk: Jack Daniel’s groeide uit tot een van de grootste destilleerderijen ter wereld. 

Famous last words

Volgens de overlevering had Willem van Oranje na het fatale pistoolschot van Balthazar Gerards nog net de tegenwoordigheid van geest om Gods genade te vragen: ‘Mijn god, mijn god, heb medelijden met mij en met dit arme volk.’ In 2012 werd deze mythe naar het rijk der fabelen verwezen: de arme man moet op slag dood zijn geweest. Jammer voor het verhaal, zijn laatste woorden waren te mooi om waar te zijn. 

Laatste woorden doen ertoe, óók in jouw blog of artikel. Met een pakkende titel help je de lezer over de drempel, waarna je hem of haar met een sterk intro en vervolg dieper naar binnen trekt. Maar het slot bepaalt met welk gevoel je de lezer achterlaat. Het einde van het artikel biedt perspectief op een betere wereld, laat de lezer ontredderd achter of zet aan tot bestellen. 

Daarom 6 tips om in stijl af te sluiten:

1. Neem een call-to-action op

In iedere cursus zakelijk schrijven komt-ie langs: de call-to-action. Oftewel: de laatste A van het AIDA-model waarmee je een succesvolle verkoopbrief opbouwt: attention-interest-desire-action. Soms is een button of een link om door te klikken passend. Die laatste kunnen vaak prima zonder commerciële suikerlaagjes als ‘download nu direct’ of ‘neem gerust contact met mij op’. Ik merk dat ik eerder klik op links die al iets van de inhoud erachter prijsgeven. Zo gaat deze blog over hoe je een artikel eindigt, maar in een ander vind je juist tips voor hoe je een artikel begint.

2. Stel de hamvraag

Zou jij ook graag eens je tanden in een sprinkhanenburger zetten? Wat doe jij om na je werk te ontspannen? Wat zijn we nu echt opgeschoten met deze nieuwe wet? Veel blogs worden afgesloten met een vraag aan de lezer. Dat kan zijn om reacties los te krijgen, maar ook om de lezer aan het denken te zetten. 

Krachtige inhoud heeft niet per se een expliciete vraag aan de lezer nodig om het gesprek op gang te krijgen. Zo werd Volkskrant-journalist Fokke Obbema ongevraagd overspoeld met reacties nadat hij in een artikel had verteld dat hij door een hartstilstand ‘even dood’ was geweest. 

3. Maak het verhaal rond met een pakkende uitsmijter

Als je een blog of artikel schrijft, werk je meestal naar een conclusie toe. Gebruik hiervoor geen omhaal van woorden, maar formuleer deze zo krachtig mogelijk. Geef de lezer iets mee om over na te denken: 

  • ‘De boeren krijgen alle waardering, maar de groene weides worden niet gered door Gretha Thunberg monddood te maken.’ (column Peter de Waard in De Volkskrant);
  • ‘Civil wars are a lot easier to start than to stop’ (artikel over Brexit en de Noord-Ierse kwestie in The Guardian).
  • ‘Hap wat vaker een harinkje, ga regelmatig een blokje om en vergeet vooral dat dagelijkse vitamine D-supplement niet’ (artikel van Lisette de Groot over voeding voor ouderen). 

4. Gebruik een cliffhanger

Seizoen 7 van Homeland eindigt met een joekel van een cliffhanger, waardoor ik niet kan wachten totdat seizoen 8, het laatste, begint. Ook in blogs kun je de cliffhanger gebruiken om ervoor te zorgen dat de lezer je blijft volgen. Door te vertellen waar je het de volgende keer over gaat hebben, kun je je publiek een overtuigende reden geven om je te blijven volgen.

5. Vat nog even samen

Dus: de laatste woorden van je blog zijn belangrijk, omdat ze bepalen met welk gevoel je de lezer achterlaat. Kies je laatste woorden daarom met zorg!

6. Zet de PS in

Niet alleen in direct mail, maar ook in blogs komt de PS veel voor. Logisch, want die bungelt lekker opvallend onderaan en heeft dus veel attentiewaarde. Een variant op de PS is de UPDATE, als je nieuwe informatie hebt toegevoegd. 

PS: lees ook de blog van mijn collega Marleen over schrijftips die je meteen mag vergeten.

‘En? Kon u het een beetje vinden? Tja, we hebben uw tekst bekeken en eerlijk gezegd zijn we niet enthousiast. Dat u als tekstschrijver niet weet dat zinnen niet met ‘en’ behoren te beginnen. Doet u dit werk al lang?’

Ik kreeg ooit de volle laag omdat ik het had gewaagd twee zinnen in een tekst van ruim duizend woorden met ‘en’ te beginnen. Toch zijn er goede redenen te bedenken om dat te doen.

‘En’ markeert een nieuw gespreksonderwerp

• En? Kon u het een beetje vinden?
• En? Hoe voelt u zich vandaag?

Een zin krijgt met ‘en’ meer nadruk

• Hero ging eten. En drinken.
• Deze paraplu is 100% stormvast. En u krijgt nu zelfs 10% korting!

En anderen doen het ook

• En het was pas nadat ik me op mijn stoel had laten zakken dat het tot me doordrong dat Babette huilde. (Herman Koch, Het diner)
• En ziet, voor haring en ansjovis kwam er paling. (K. Norel, Engelandvaarders)
• En God zag dat het goed was. (Bijbel)

En wat voor ‘en’ geldt, geldt evengoed voor ‘maar’. Maar daar hebben we het een andere keer wel over.